Kampioensfeest Spassky’s voor de tweede keer uitgesteld

De podiumbouwers op de Grote Markt zijn afbesteld, de boerenkar is terug de stalling ingereden: De Spassky’s zijn er nog niet in geslaagd om definitief beslag te leggen op de titel in klasse 3a. Niettemin biedt de kleinst mogelijk nederlaag tegen Hardenberg van afgelopen zaterdag wel perspectief: we hebben 3 bordpunten meer en hoeven de laatste ronde alleen te winnen van Hoogeveen, wat mogelijk zou moeten kunnen zijn.

De beste verklaring van de nederlaag hoorde ik van Maurits: “in deze kerk in Grijpskerk hebben wij onze heer, maar zij hebben Mijnheer.”

Per bord een persoonlijk verslagje.

Bord 1 Mijnheer – Houtman.

Joop: “Mijn partij was weer een klassieke strategische partij, waarbij de eerste pionnenruil pas op zet 21 plaatsvond. Ik had de scherpe hoofdvariant vermeden en voelde me senang in het manoevreerspel. Michael liet in de analyse een mooie offercombinatie op d5 zien die in deze variant soms mogelijk is. Ik had het geen moment overwogen en dat bleek ook niet nodig want in de partij was het offer niet mogelijk. Mijnheer leek een koningsaanval in te zetten maar die kon eenvoudig gepareerd worden. De stukkenruil na de tijdcontrole leidde direct tot remise. Hoewel de engine nog wel wat nuances aanbracht in het ondervonden evenwicht in de partij, kijk ik terug op een mooie schaakmiddag, feestelijk afgesloten met een goede maaltijd!”

45..Kg7 46 Dxa6 Dxa6 47 Lxa6 remise. Pion a5 gaat verloren na Ld8 waarna alle muziek uit de stelling is verdwenen.

Bord 2 Koster- Van der Veen

Dries offerde in een scherpe opening een stuk met helaas onvoldoende compensatie in het vervolg. De slotzet 42. ;Td2 is mooi gespeeld. Derhalve 0 – 1

slotstelling na 42. Td2

Bord 3 Van Wageningen – Van Putten

Putski: “Deze partij kende eigenlijk alleen maar een openingsfase, waarin de witspeler meermalen verrast werd naar eigen zeggen en in licht nadelige stelling maar remise aanbood.”

8…Lc5 Misschien niet eens de beste (dat is volgens de engine 8…Dd4) maar speel zo’n zet maar eens niet als hij eenmaal tot je blikveld is doorgedrongen. Remise na 19 zetten.

Bord 4 Riemens – Reinders

Michael: “Zoals gezegd kende ik dat plan Kh8, Pg8 met snel f5 niet. Ik denk ik dat hij op zet 16 met de verkeerde pion op d4 slaat. Na 18. d5 had ik de stelling van zet 25 al voorzien, op zich was dat niet zo moeilijk te berekenen want het verloop is vrij geforceerd. Ik zat vooral te rekenen op 25… Tf6 26. Pxg7! Kxg7 27. Tg5+ Kh8 29. Dc3, gevolgd een keer nemen op g8. De computer zegt dat dat inderdaad winnend voor wit is. Op zet 22 is Dd2 een mokerslag, Joan had die zet gemist. Ik vond het heel aardig dat hij zich daarna mat liet zetten.”

31 Txf6 Txf6 32 Dxh7 mat.

Bord 5 Hollman – Postma

Al dan niet tijdelijk moet we de verslaglegging beperken tot bovenstaand beeld.

Bord 6 Logtmeijer – Van der Meulen

Maurits: “Ik vind het altijd leuk om tegen mijn oude club te spelen. In mijn middelbare schooltijd was ik een paar jaar lid van Hardenberg en sommige spelers ken ik al sinds die tijd. Hier speelde ik mijn allereerste KNSB-partij, tegen Jan Graaf van den Bosch, uit tegen Hilversum in 1984. Het was zijn zestigste jaar in de KNSB, vertelde hij mij nadat onze lange partij in remise was geëindigd. Dankzij deze beroemde schaker heb nu een Morphygetal van 4, ooit speelde hij tegen Maroczy en Tartakower. Mijn tegenstander is ooit door ons gevraagd lid te worden van de Spassky’s (hij woont in Groningen), maar sloeg dit aanbod af. Over de partij valt weinig te zeggen. Hij duurde dertien zetten, er werd niets geslagen en we zijn niet eens op elkaars helft geweest. Daarom heb ik de partij uit 1984 maar meegestuurd, afkomstig uit een notatieboekje waar ook partijen tegen Richard Hendriks en Jan van der Veen in staan.

In de stijl van Evert: Bord 7 Logtmeijer – Van de Bosch (10 maart 1984; KNSB 2e klasse A), slotstelling; remise

Bord 7 Hendriks- Van ’t Veld

Hier kwam een theoretisch ingewikkelde stelling op het bord. Volgens Menno stond hij erg slecht maar zijn tegenstander vond het ook ingewikkeld. Menno over zijn partij:

Ik geef twee tips voor (beginnende) schakers.
Uit deze partij bleek opnieuw dat je sommige openingen pas moet spelen als je de theorie kent. Half is, net als bij andere zaken in het leven, geen optie. TIP 1: doe geen dingen half
Ik kwam vrij gauw verloren te staan, ondanks moedige pogingen om alles nog te verdedigen. Bovendien had ik zeker een halfuur achterstand op de klok, wat de schaaktaak beslist bemoeilijkte. Na de 2oe zet kreeg ik weer wat hoop, maar vervolgens verknoeide ik het weer.
Gelukkig zag ik dat mijn tegenstander de winst ook niet eenvoudig kon vinden. De voorsprong die hij had op de klok was volledig verdampt. Ik besloot om op een goed moment remise aan te bieden. Dat mijn tegenstander niet in vorm was en blij was met elk halve punt, vertelde hij mij pas na afloop.
Vanaf zet 20 lukte het mijn tegenstander niet meer om een poker face te behouden. TIP 2: doe dat wel. Na het optisch hyperagressieve 24…Txb2, was het moment om mijn hese stem, die normaal gesproken een verloren stelling verraadt, in te ruilen voor een zelfverzekerde. Remise werd geaccepteerd in een voor mij compleet verloren stelling. Dank aan Michael voor een korte update van de theorie na afloop van de partij. Ik ben weer beter op de hoogte!

Bord 8 Jansen – Slingerland

Lichte schermutselingen leiden tot een zeer egale stelling. Janski’s commentaar kreeg de vorm van een heus 2e verslag (zie onder).

Stelling na dameruil op c5, de 23e en laatste zet van de partij. Maar 4 zetten meer dan aan bord 3, maar wel  een uur later.

Spassky's houden de spanning erin!

Het was een spannende schaakmiddag in Grijpskerk. Het begon met een
haperende koffiemachine, waardoor lichte paniek uitbrak. Schaken zonder
koffie is als een drumstel zonder sticks. Gastheer Jan besloot tot snelle
actie en toverde vanuit huis zijn senseoapparaat tevoorschijn. Gelukkig
maar, gered. Ook waren de nodige calorieën met roomsoezen en ander
banketwerk aanwezig.
Na puntige inleidende woorden door Dries kon de match beginnen en strategie
was dat alles richting een 4-4 gunstig was. We stonden twee matchpunten en
vier bordpunten voor. Een 4-4 betekende een kampioenschap, tenzij we in de
laatste ronde dan met astronomische cijfers zouden verliezen en Hardenberg
zou winnen.
De start was inderdaad met drie remises van Putski, Maurits en mij. En Menno
voegde daar een vierde aan toe. Dat leek een goede escape in lastige
stelling. Toch was het net niet genoeg, ondanks de stimulerende aanwezigheid
van Rolf. 
Michael won fraai nadat hij zijn tegenstander in een totale wurggreep had
genomen. Met een kwaliteitsoffer was mat onafwendbaar. Dries en Jan verloren
helaas. Dries na een onvoldoende stukoffer. En Jan leek even terug te komen
in de partij maar besloot terecht een eindspel met twee pionnen minder niet
te willen afwachten.
3-4 dus. Joop kon helaas niets doen aan de stand. Zijn partij was in
evenwicht en eindigde na dameruil in ongelijke lopers en remise.
Een kleine, terechte overwinning voor Hardenberg. We staan nu gelijk en
hebben drie bordpunten meer. Het komt dus aan op de laatste ronde op 11
juni! Spanning en sensatie!
Na de match was het beregezellig bij de Chinees in Zuidhorn. De bediening
kwam wat traag op gang, maar daardoor was er ruim tijd om goed bij te
kletsen. En dat hebben we in de coronatijd toch echt gemist. Nou nog een
mooie afsluiter op 11 juni en dan is het feest!

Janski

Op 11 juni een herkansing. Er is een kans dat de Orang Oetan opening (1 b4, ook wel de Sokolski geheten), dan verboden zal zijn vanwege het rondwarende apenpokkenvirus, maar voor zover ik weet heeft niemand van ons dat op zijn repertoire staan.