Accres Apeldoorn 3 – Spassky’s: 4-4, 7 januari 2012

Accres Apeldoorn 3 – Spassky’s: 4-4; maar andersom had ook gekund
7 januari 2012
Verslag: Putski

Quotes:
“He Alidston ben je weer wakker?” (Dries)
“Gelukkig ben jij de enige die niet blaat.” (Peter tegen Dries)
“Ik dacht: ik gooi er zo veel mogelijk bier in, dan ziet hij het vast een keer minder scherp.” (Maurits)
“Zet mij er de eerstvolgende drie wedstrijden maar naast.” (Jan)
“Pe4, dat heb ik geleerd.” (Dries)
“Ik word hier zo moe van.” (Janski)
“Toen ik zag dat e4 opeens wel eens zwak kon worden dacht ik: ik stop met schaken, ik kan er helemaal niets van.” (Putski)
“Ik zette mjn dame met kracht op d6 om hem te laten schrikken. Dat werkte.”(Alidston)
“1. d4 is een probleem voor mij.” (Johan)
“Het is 4-4 geworden, maar het had net zo goed andersom kunnen zijn.” (Peter)

Apeldoorn 3 – Spassky’s werd 4-4, maar dat had inderdaad ook omgekeerd kunnen zijn…. Dat klinkt als een grapje, maar vrijwel alle partijen kenden een uitslag die evengoed anders had kunnen uitvallen, nagenoeg overal viel wel wat op af te dingen. In volgorde van chronologie:

1. Dries opende het bal. Volgens de Apeldoornse teamleider gaf zijn tegenstander gewoon zomaar een stuk weg. Dat leek mij ook, maar Dries had al zeer duidelijk voordeel, dus betwistbaar is of dit wel of niet een halfje kostte. Vanuit Apeldoorns oogpunt natuurlijk wel, maar we tellen het niet; de gedachte alleen al zou Dries boos kunnen maken.

Van Bohemen-Koster, bord 4.
Wit speelde 29. Lf4? Dries incasseerde het stuk met 29…Lxf4 30 Da8+ Kh7 31 Dxe4+ Df5!

0-1 ( andersom 0-1 )

2. Voor 2-0 in ons voordeel zorgde Alidston. De bravour waarmee hij zijn zetten uitvoerde, tegen een jongetje van een paar turven hoog in tijdnood, gaven hem een zweem van onoverwinnelijkheid en het gebeuren an sich een vleugje van perfectie. Bij de Griek na afloop bleef van deze souplesse weinig over. Zwart had groot voordeel kunnen verkrijgen zo leek het. Laten we het op een halfje houden dat de verkeerde kant opviel voor Apeldoorn en in de goede richting voor ons.

Henries – Zwirs, bord 3.
Zwart speelde 17…Db8??; na 17…Da8 blijft het een spannende partij. Alidston won met 18. Txd8+ een stuk.

0-2 ( andersom 0.5-1.5 )
3. Toen een drama bij Jan. Hij gaf op in zeer goede stelling. Het notatitieformulier is volgens welingelichte bron ter plekke verscheurd, maar wel vond ik Jan bereid de stelling waarin de lamp even helemaal uitging nog eenmaal te reconstrueren.

Postma – Brussen, bord 5.
Wit speelde Te1, volgens Fritz de beste zet, met…opgave. Jan zag Dxe1+ en Pg2+, maar zag over het hoofd dat Td2 veld g2 dan dekt. Een wijs woord dat hier past, is dat met opgeven nog nooit een partij is gewonnen. Waarom niet even gewacht, ook als die toren op d2 er níet had gestaan, op …Dxe1+?

1-2 ( andersom 0.5-2.5 )
4. Janski remiseerde. De kenners meenden in een schaars verlicht Grieks restaurant na afloop een gewonnen pionneneindspel voor zwart te zien, dat zijn tegenstander door dameruil had kunnen bereiken. Een dag later blijkt dit met computergestuurde belichting onjuist.

Jansen-Weenink, bord 7.
Zwart speelde 38…De5 met remiseaanbod. 38…Dxc2 was het proberen waard geweest, wit moet oppassen, echter met Fritz aan de zijlijn is intussen duidelijk geworden dat remise het meest waarschijnlijk is.

1.5-2.5 ( andersom 1-3 )
5. Johan verloor, de eerste partij waar niet veel op af te dingen was. 

Eleveld – Scharft, bord 2.
Slotstelling.

2.5-2.5 ( andersom 2-3 )
6. Mijn eigen partij dan. Die leek uit één stuk, maar zwart kreeg een enorme kans terug in de partij te komen op de 33e zet (zie diagram). Even daarvoor dacht ik te vereenvoudigen door torens te ruilen en had ik 31 Te8+ gespeeld (beter is 31. Pb5) maar na 31…Txe8 32. Pxe8 Pc5 33. Lc7?! zou 33…d3 hebben aangetoond dat deze ruil juist enorm had kunnen compliceren. Mijn eerste analyse is dat zwart dan zelfs kleine winstkansjes kan krijgen, ondanks twee pionnen achterstand. Gelukkig miste mijn tegenstander deze kans. Ik had de zet wel gezien, maar begon me pas zorgen te maken toen ik Te8+ al gespeeld had…

Van Putten-Nijdam, bord 1.
Er volgde 33. Lc7?! (Beter was 33. Pc7.) Na 33…d3! heeft wit problemen de pion te stoppen: 34. Kf1 Kg8 35. Le5 Pe4!! (niet slaan op b3, gemist) en nu moet wit met 36. Pf6+ een stuk geven om het vege lijf te redden.

2.5-3.5 ( andersom 2,5-3.5 )
7. Dan heeft ook Peter verloren, nadat hij even daarvoor geen eeuwig schaak heeft gehouden.

Nijland – Bodewes, bord 6.
Zwart speelde 28…Dxf5? Na 28…Kf7 zou wit in grote problemen zijn gekomen; eeuwig schaak is wel het minste dat zwart kan bereiken.

3.5 -3.5 ( andersom 3-4 )
8. Maurits krijgt remise aangeboden in een stelling die geforceerd uit is in het voordeel van zijn tegenstander.

Pihlajamaa – Logtmeijer, bord 8.
Wit speelde 54. Kg3?? met remiseaanbod. 54. Df3 wint op slag.

4-4 ( andersom 4-4 )
Met alle plussen en minnen blijft 4-4 dus een uitslag waarmee beide partijen vrede moeten (kunnen) hebben. Bij de Griek viel Alidston halverwege de maaltijd in slaap. Hierdoor miste hij een goede kans op een overgebleven bordje vlees. Hij weegt nu 99 kilo, maar dat had ook andersom kunnen zijn.

Accres Apeldoorn 3 (1970) Spassky’s (1953) 4-4
1. Wietze Nijdam 2073 Henk van Putten 2108 0-1
2. Henk Eleveld 2012 Johan Scharft 1996 1-0
3. Jasper Zwirs 1834 Alidston Henries 1949 0-1
4. Cees van Bohemen 2022 Dries Koster 1949 0-1
5. Mark Brussen 2010 Jan Postma 1935 1-0
6. René Nijland 1939 Peter Bodewes 1903 1-0
7. Anton Weenink 1898 Henk Jansen 1873 ½-½
8. Remco Pihlajamaa 1976 Maurits Logtmeijer 1911 ½-½

Foto’s zijn afkomstig van de site van Schaakstad Apeldoorn:

Putski tegen de sympathieke heer Nijdam.

Alidston doceert aan de jeugd.

Deze partij kon alle kanten uit.

Tel de pijpjes.