“Toen het tweede zegel werd verbroken kreeg de rode ruiter de bevoegdheid de vrede op de aarde weg te nemen.” Openbaringen 6:3-4.
Van de school die voortdurend tekenen des tijds wil duiden in Bijbelse profetieën ben ik zeker niet. Maar wie simpelweg de krant openslaat, komt ook een eind.
Schaken is geen vreedzaam spel, schakers zijn niet altijd vredelievende mensen. Van alle aanleidingen die ik kan bedenken voor het aanhalen van bovenstaande Bijbeltekst noem ik iets dat ik nog niet deelde, ook omdat ik voortijdig weg moest zaterdagavond: ik speelde vandaag tegen een collega-theoloog, meervoudig Nederlands kampioen bij de Pastores, Rein Brouwer. Een leuk toeval. Enkele rapidpartijen hebben we gespeeld en altijd was het spannend. Ook vandaag werd het een boeiende partij.
Bussum is een sterk en vrij homogeen team, met vier spelers van ruim boven de 2100 en twee boven de 2200. Toch behaalden ze net als wij nog maar vier MP tot vandaag.
Wij kenden een allesbehalve ideale aanloop naar deze wedstrijd, met uitvallers om, naast de voor de hand liggende, redenen die ik in de nu dertig jaar dat ik lid ben van de Spassky’s niet eerder meemaakte. Zelfs wedstrijdleider Rolf moest er aan geloven aan te treden. Ik denk dat het lang geleden was, een team met Dries, Rolf, Henk Jansen, Jan Postma en ondergetekende….kan zomaar nog in de onderbond zijn geweest, of onze eerste jaren in de KNSB wellicht. Twintig jaar terug is dat. Het voelt als een vredig verleden.
We verloren, zonder enig uitzicht te hebben gehad op meer.
Erik op 1 zag zich na 17…e5 geconfronteerd met een ruiter op f5. Citaat “Mijn plan met 14…d5 en 15…Pe5 ziet er heel aantrekkelijk uit maar heeft 1 groot nadeel: het deugt niet! Ik word daarna helemaal weggebeukt.”
18 Pf5! De tactische weerlegging van de zwarte opzet. Er volgde een lange geforceerde zettenreeks: 18…Tac8 19 Dd3 Dxd5 20 Dxd5 Lxd5 21 Txd5 Pxg1 22 Txe5 Tc7 23 Lb6! Td7 24 Lc5 en wit won een kleine kwaliteit en na lange strijd daarmee de partij.
Dries op 2 vocht als een leeuw maar miste tegen een Bussumse routinier en oudhoofdklasser een veel taaiere torenzet.
Dries koos voor 41. Ta7?, waar 41. Tb5 de zwarte activiteit had ingebonden, met remise als meest waarschijnlijke resultaat.
Roelof tegen een andere oudhoofdklasser op het 3e bord speelde een scherpe opening, waarop voorlopig een embargo ligt. Dit zegel mag nog niet verbroken worden. Een nette remise.
Menno aan bord 4 heeft heel goed gestaan. 12 h3 bijvoorbeeld had zeker voordeel beloofd.
Helaas greep hij in het verre middenspel mis.
Het hoekje om. Op bord 8 moest Rolf, ooit zou hij slechts onze wedstrijd komen leiden, ondanks kranig verweer ten slotte de vlag strijken.
Jan op 7 werd letterlijk murw gebeukt. De partij is niet meer traceerbaar (what’s new?) maar ik stond erbij toen Jan duizend en één schaaks gaf. Helaas was het sprookje gelijk uit toen hij dat één keer niet deed. Zijn tegenstander was duidelijk niet uit op vrede.
Op het 6e bord een minuscuul lichtpuntje. Ik kende de opening die op het bord kwam vrij goed, de gespeelde variant zelfs heel goed en na wat kleine onnauwkeurigheden van mijn tegenstander incasseerde ik een kwaliteit zonder dat ik veel compensatie hoefde te vrezen. De ook voor mijzelf verrassende slotzet (ik zag hem laat, nadat ik lang in plaats van 29 e5 29 Tac1 had overwogen) noopte gelijk tot overgave:
30 Lxg6+! bezegelde de partij.
Op 5 aan de andere kant van mij, de tweede Henk met een goede dag, een keurige, zou haast zeggen: correcte, remise, tegen een WFM. Niet per se bloedeloos, er werd wel gestreden. En heel knap gedaan.
Wie meegeteld heeft, weet het reeds: 2-6.
Tot zover iets wat op een verslag lijkt, zoals ik beloofd had. Handhaving, het zal een enorme uitdaging worden. Er lijken tegelijkertijd grotere zaken te spelen in ons bestaan. Twee bordpunten, tweede klasse, tweede zegel. Hoe lang is de tijd nog.




