EXTERNE COMPETITIE

 

"Grenzen"

verslag: Maurits Logtmeier

 

 

Spassky's

1979

ESG Dr. Max Euwe 4

1942

1.

Roelof Kroon

2156

Andre Krueger

2180

½

½

2.

Henk van Putten

2080

Jorg Kucheyda

2039

1

0

3.

Alidston Henries

2009

Peter Schelwokat

1874

½

½

4.

Dries Koster

2017

Frank Grube

1927

½

½

5.

Jan Postma

2014

Kirsten Solberg

1892

0

1

6.

Maurits Logtmeijer

1912

Norbert Raygrotzki

1890

1

0

7.

Rolf Yska

1768

Remko Algera

1793

1

0

8.

Jan Kroon

1873

Gerard Hultink

 

1

0

 

De laatste match van het seizoen  en voor beide partijen stond er niets meer op het spel. We moesten tegen het 'Duitse'  team van de Enschedese club, met maar liefst zes spelers van over de grens in de opstelling. Gelukkig is schaken geen voetbal.
En, toeval of niet, alle partijen bleken iets met grenzen te maken te hebben. Hieronder worden ze besproken, in volgorde van binnenkomst.


Rolf - Kenniskloof
Als je een scherpe opening speelt moet je wel weten wat je doet, en Rolfs tegenstander had geen flauw idee. Rolf daarentegen is iemand die uitgebreid theorie bestudeert. Nu is het bekend uit de wetenschap dat een kenniskloof kan leiden tot een steeds toenemend verschil in materieel bezit. Dat was ook precies wat er gebeurde in Rolfs partij. Eerst had Rolf een stuk meer, en al snel volgde de dame. Hierop gooide zijn tegenstander de handdoek in de ring. Veertien zetten leek mij een clubrecord, maar Rolf beweerde ooit nog sneller te hebben gewonnen. Hoe dan ook, een prachtige prestatie. Tussenstand: 1-0


Algera-Yska
Algera – Yska, slotstelling na 14 zetten

 

Maurits - Taalgrens
Ook schrijver dezes was al snel klaar, zodat hij in de analyse zijn Duits nog even op kon halen met zijn zeer sympathieke tegenstander. Deze was door de snelle nederlaag wel een beetje 'enttäuscht', maar wilde graag nog even analyseren en bier drinken. Ik heb nog een paar nieuwe woorden aan mijn vocabulaire kunnen toevoegen, zoals 'Beratungsresistent'.
De partij: Mijn tegenstander miste na de opening een goede kans op 'Ausgleich', waarna hij met een razendsnel initiatief tot overgave gedwongen werd. Ook daarvoor bestaat overigens een toepasselijk Duits woord…
Tussenstand:  2-0


Loghtmeier-Raygrotzki
Logtmeijer – Raygrotzki, slotstelling na 19 zetten

 

Putski - Randverschijnsel
De dreiging is vaak sterker dan de uitvoering, schreef Nimzowitsch reeds. Dit kwam prachtig tot uiting in de partij van Putski. Zijn randverschijnsel op de a-lijn heeft de eindstreep nooit gehaald, maar door de voortdurende dreiging die ervan uitging, moest de zwartspeler veel concessies doen. Dit leidde uiteindelijk (in recordtempo trouwens, zwart speelde bliksemsnel) tot een onspeelbare stelling. Tussenstand: 3-0


Putski-Kucheyda
Van Putten – Kucheyda, slotstelling na 33 zetten.

 

Jan P. - Schwarzschildradius
De Schwarzschildradius (genoemd naar een Duitse fysicus) is de grensradius van een zwart gat vanaf waar de ontsnappingssnelheid gelijk staat aan de snelheid van het licht.
Vrij vertaald betekent dit dat een object dat binnen deze radius terechtkomt, wordt opgeslokt door het zwarte gat en nooit meer terugkomt. Deze grens is een waarnemingshorizon, aangezien de buitenstaander geen informatie meer kan verwerven over wat er zich afspeelt binnen deze grens.
Wat heeft dit nu met schaken te maken, zult u zich afvragen? Welnu, het volgende:
Ergens tussen het moment dat Jan Postma opgeeft en het moment dat hij de speelzaal verlaat, passeert zijn notatieformulier deze Schwarzschildradius. Het is echter nog niet precies bekend op welk moment dit verschijnsel optreedt, de gebeurtenis zelf is namelijk nog nooit waargenomen. Zeker is dàt het gebeurt, omdat de desbetreffende papiertjes nooit meer worden teruggezien.
De partij: Jan kwam in het soort stelling terecht dat hij zeer goed begrijpt en vaak wint. Helaas was dat laatste zaterdag niet het geval. Tussenstand: 3-1

 

Jan K. - Psychologische barrière
Het is altijd lastig om als nieuw lid voor het eerst aan te treden in de slagorde. Doe ik het wel goed genoeg, verpest ik het niet? Ondanks twee goede eerdere pogingen had Jan nog niet een vol punt kunnen laten aantekenen.
Maar deze keer won Jan, en overtuigend ook nog. In een dichtgeschoven stelling koos hij een beter plan dan zijn tegenstander (die eigenlijk helemaal geen plan koos) en rolde hem vakkundig op. De eerste winstpartij voor de Spassky’s, een mijlpaal! We zijn er van overtuigd dat er nog vele zullen volgen. Tussenstand: 4-1

 

Alidston - Grensgeval
Bij Alidston weet je het nooit. Zal hij op tijd komen of net te laat? Komt de afrekening van het Spassky-weekeinde nog eens langs, of nooit meer? En die bananen, wat is daar nu mee gebeurd? Per ongeluk neergelegd op het notatiebiljet van Jan Postma of thuis laten liggen? En zijn twee paarden sterker dan een toren en een pion, of niet?
Zijn diepe openingsinzicht leverde de bovenbeschreven materiaalverhouding op, Alidston had de paarden. Wellicht had er iets meer ingezeten voor Alidston dan het halfje. Tussenstand: 4½ - 1½

 

Dries - Magische grens
In de Wikipedia staat: 'Een magische grens duidt een afbakening aan in een ontwikkeling waarop een hoeveelheid van iets een bepaald punt passeert.'
Als het over Dries gaat, weten we allemaal precies welke 'hoeveelheid van iets' hier bedoeld wordt.
Zijn opponent zat een behoorlijk stukje onder deze magische grens, maar wist heel goed hoe je moet spelen tegen een hangend pionnencentrum. Hij won een pion, en nog een, zijn vrijpion ging alvast wat naar voren...
Het zag er slecht uit voor onze man. Maar zijn tegenstander begon te aarzelen, en dat ruikt Dries meteen. De stelling werd chaotisch, en Dries kreeg kansen. Plotseling is de situatie omgedraaid, maar net op het moment dat Dries de buit kan binnenhalen grijpt hij naar het eeuwige schaak, waar de volle winst voor het oprapen lag.

 

Koster-Grube
Koster – Grube, stelling na de 49e zet van zwart. Gaat het paard naar h6 of naar f6?
 
Iedereen kent het verschijnsel wel, de tunnelvisie. Je speelt zo lang op remise dat je de winstvoorzetting niet meer kunt zien, omdat je alleen nog maar naar de remisevarianten kijkt. Het is ons allemaal wel eens overkomen, Rolf overkwam het nog in de eerste ronde.
Een tunnel beperkt het denken. In de beperking toont zich de meester, zegt men. Of is het de tweeduizendplusser? Tussenstand: 5-2

 

Roelof - Remisemarge
Roelof is onze speler met de meeste remises. Zes maar liefst scoorde hij er dit seizoen. Allemaal lange, zwaarbevochten partijen. Remise is de grens tussen winst en verlies: De remisemarge zegt iets over breedte van die grens. Bij veel spellen is deze lijn oneindig dun, zoals bij Backgammon en Go, waar remises niet voorkomen.
Bij schaken wordt deze grens voorgesteld als een pad waar men overheen wandelt. Dit pad heeft allerlei eigenschappen zoals breedte, het uitzicht (vaak diepe ravijnen), en de hoeveelheid bochten. Vandaag was Roelofs pad smal en kronkelig, maar kwam uit bij het gewenste doel. Met deze remise eindigde de laatste competitiepartij van dit zeer geslaagde seizoen.

Eindstand: 5½ - 2½

 

 

De torens van februari

Spassky’s - Assen: 1½ - 6½

verslag: Henk van Putten

 

Afgewezen titels:

1. Je door Assen laten overklassen

2. Kleine jongetjes worden groot

3. Assen 3e klasse ontgroeid....alleen Koster nog altijd te sterk

 

Ooit, het was nog in mijn jeugd, of net erbuiten, las ik van Tonke Dragt De torens van februari. De torens van februari speelt in een parallelwereld die een betere, mooiere versie lijkt van de onze. Je komt er door op 29 februari op het juiste moment het juiste woord uit te spreken. Het wordt dan 30 februari en je bent opeens ergens anders.

 

In seizoen 2006-2007, op 23 februari 2007, speelden de Spassky's tegen Assen. Het werd 5-3. In mei van dat jaar konden de Spassky's de kampioensvlag hijsen. Ook tot onze eigen verrassing, want al in de 2e ronde van dat seizoen waren we met 6-2 de boot ingegaan tegen Sissa 2, dat lang de ranglijst aanvoerde.

 

Spassky's 1875 - Assen 1647 5 - 3

1. H.T. van Putten 2057 - M. van Velzen 1745 ½ - ½

2. J. Postma 2012 - P. Tromp 1844 0 - 1

3. A.J. Koster 1944 - I. Maris 1 - 0

4. H. van der Laan 1845 - E. Hommes 1739 ½ - ½

5. R.J. Yska 1815 - M. Jager 1731 1 - 0

6. M.A. Logtmeijer 1814 - B.J.J. van Os 1601 1 - 0

7. A.F. Henries 1740 - M. Hoolsema 1456 1 - 0

8. G. van der Berg 1775 - M. Bosma 1410 0 - 1

 

De ratings van de Assen-spelers roepen hetzelfde gevoel op als het aanschouwen van de beurskoersen in de jaren-80 doet, toen de AEX zich tussen de 100 en 200 bewoog. Vier spelers bij Assen deden ook gisteren weer mee. Echter, ook Paul den Boer en Maarten Dijkstra maakten deel uit van hun team in 2007, voor hen speelden zeven jaar geleden invallers. En ook onder de Spassky's bevinden zich in het lijstje van zeven jaar terug zes spelers die er nu ook nog zijn, alleen speelde Alidston gisteren niet mee. Voor beide teams geldt dus dat 75% van het team nog intact is.

 

Assen eindigde dat jaar in de middenmoot, het zou nog drie jaar duren voordat ze zich bij ons in de derde klasse wisten te voegen. Nu, nog weer vier jaar later, nemen we opnieuw afscheid. Emotioneel was dat afscheid niet te noemen, er werd zelfs veel gelachen. Ongeveer alle Spassken hebben mooi verloren, was wel onze conclusie. Deren deed het ons ook niet, de Spassky's zijn immers allang veilig en in de race voor de titel zijn we nooit geweest.

 

Assen had een kleine supportersschare bij zich en zelfs voor ons was er zowaar één die ons kwam aanmoedigen: oud-Spassk Jan-Joris Groenewold. Hij was niet met zijn team mee naar Purmerend. "Hé JJ, sta je ernaast.?" "Ja, ik speel als een krant." - "Maar wel een kwaliteitskrant toch?" - "Hmmpf".

 

1½-6½, het was wat geflatteerd, maar niet onverdiend. Toch mogen we niet om de hete brei heen draaien: Van 5-3 naar 1½-6½ in zeven jaar tijd, is het verval bij ons definitief ingetreden? Veel van onze lagere borden hebben nota bene een plusscore tegen de topborden van Assen van nu! Onze eigen topborden, hoewel nog steeds wel in staat enig partij te bieden, kwamen de afgelopen jaren echter steeds vaker met lege handen te staan tegen Assens lagere borden van toen. Maar toch wil ik de daarnet opgeworpen vraag volmondig ontkennend beantwoorden. Wat we waarnemen is niet het verval van ons, maar het omgekeerde daarvan bij Assen: een rups die vlinder is geworden en wegfladdert.

 

7 jaar na 23 februari 2007 werd het op deze KNSB-zaterdag 30 februari 2014. Voor Assen klonk gisteren het magische woord. Zij verhuizen naar de parallelwereld die 2e klasse heet.

 

Wat fragmenten tot slot. Mijn eigen partij was er één van veel optisch bedrog en een koe van een rekenfout op het eind.


Putski-Van der Werff

Van Putten - Van de Werff, stelling na 11...e5

 

Wit lijkt prachtig te staan. Toch is er maar één zet die duidelijk voordeel vasthoudt: het positionele 12. Tb1. Die zag ik natuurlijk weer niet, het idee is het tegengaan van de bevrijdende zet ...a6. Ik koos voor het scherpere 12. f4.

 


Putski-Van der Werff

Van Putten - Van de Werff, stelling na 21...Tfe8.

 

Hier besloot ik tot het ramp- of, zo men verkiest, zelfs ronduit onzalige 22.Ph5. Er volgde 22....Txd5 23 Pxg7 Kxg7 24 Df6+ Kg8 en pas nu zag ik dat 25. Dxb6 meteen faalt op 25...Td1. 0-1 na nog wat zettten die ik mezelf had kunnen besparen.

 

Dries schitterde opnieuw; vanmiddag werd duidelijk dat hij voor het eerst in zijn meer dan veertigjarige schaakcarrière op de meilijst een rating zal krijgen van boven de 2000.


Koster-Van Velzen

Koster-Van Velzen, stelling na 28...Le5

 

Wit besliste de partij met 29 Te4! Dit wint een tweede pion op a7. De laatste strik die zwart had gespannen bestond in 29 Lxf7+ Txf7 De8+ Tf8 Dxe5 Txf2+ met remise.

 

Peter experimenteerde met een als dubieus te boek staande openingsvariant.


Bodewes-Hommes

Bodewes-Hommes, stelling na 10 Pxa8.

 

Zwart speelde a tempo 10...b5 en liet zo en passant weten het desbetreffende boekje op zijn duimpje te kennen. Peter perste er nog 25 zetten uit, maar kwam de opening niet meer te boven.

 

Rolf viel verdienstelijk in op 8.


Yska-Den Boer

Slotstelling Yska-Den Boer, stelling na 17. La3.

 

Wit heeft duidelijk voordeel en bovendien meer tijd. Rolf echter was tevreden met remise tegen een op papier veel sterkere tegenstander.

 

Het sluitstuk van de middag was de kraker Maris-Kroon, net als vorig jaar een partij vol tactisch geweld.


Maris-Kroon

Maris-Kroon, stelling na De8+

 

Deze keer was het Roelof die helemaal gewonnen kwam te staan, remise uit de weg ging....en de deksel op zijn neus kreeg. In de diagramstelling raakte hij zijn dame aan...maar zag onmiddellijk dat De6 Db5+ Kf6 Th6+ de dame kost. 1-0. Winst was overigens al niet gemakkelijk meer in de diagramstelling.

 

Voor het overige schaaktechnische gedeelte reist de lezer naar de parallelwereld: de website der kampioenen. Ter lering en vermaak, schat ik zo in.

 

Bij de pizzeria volgde een hilarisch debat rond de vraag of we wel of niet volgend jaar een extra speler erbij nodig hebben en zo ja dan wie. Dit wordt nog vervolgd, zonder twijfel.

 

Spassky's 1963 - Assen 2028 1½ - 6½

 

1. Roelof Kroon 2160 - Ivo Maris 2193 0 - 1

2. Henk van Putten 2074 - Frank van der Werff 1988 0 - 1

3. Maurits Logtmeijer 1916 - Pieter Tromp 2172 0 - 1

4. Dries Koster 1981 - Martin van Velzen 2021 1 - 0

5. Jan Postma 2045 - Maarten Dijkstra 1968 0 - 1

6. Peter Bodewes 1871 - Elmar Hommes 2008 0 - 1

7. Jan Kroon 1894 - Arjan Dwarshuis 1866 0 - 1

8. Rolf Yska 1765 - Paul den Boer 2007 ½ - ½

 

Sissa 2 - Spassky’s : 3½ - 4½

verslag: Peter Bodewes

 

De Spassky’s hadden zich in de vorige ronde, middels een 4-4 tegen Philidor, van behoud in de 3e klasse verzekerd en Sissa 2 had tegen Assen hetzelfde gedaan. Zich verzekerd van een plekje in de 3e klasse bedoel ik dan. Eerdere gedachtes richting de 2e klasse waren door Assen de grond ingeboord. Veel stond er dus niet op het spel bij de stadsderby tussen de Sissa 2 en de Spassky’s. Voor de wedstrijd werd al een beetje gegrapt over het mooie weer en de wens om vooral niet al te lang achter de borden te zitten. Zouden 8 snelle remises tot de mogelijkheden kunnen behoren? Een enkeling voegde de daad bij het woord. Snel klaar. Bier halen, peukie bietsen bij JJ en lekker hangen in de zon.


Sissa 2 kwam iets verzwakt op doordat Geon Knol het een team hogerop zocht maar de Spassky’s leken grotere problemen te hebben. Ze hadden een vaste kracht op de verkeerde verdieping van het Denksportcentrum zitten die het verkeerde spel zat te spelen. Dat is natuurlijk ook niet niks; niet alleen ben je een sterke speler kwijt, je gedachten dwalen daardoor soms ook wel wat af. “Wat ziet zo’n jongen daar nou in? West kwam tegen 3SA uit met klaver 4, de klassieke ‘vierde van boven’. Klaver V verloor aan Klaver H in oost die na Klaver B met een kleine harten vervolgde. Dan snap je de 6-2 verdeling wel. Met een ruiten dan wel de schoppen 3-2 verdeeld was er geen vuiltje aan de lucht maar er volgde een spectaculaire eerste ronde snit enz. Allen kwetsbaar. Bladiebladiebla…

 

In de pizzeria (de dissident mocht nog wel mee, ik had daar zo mijn bedenkingen bij) ben ik zo ver mogelijk bij hem vandaan gaan zitten. Je weet maar nooit.
Maar de Spassky’s leken alleen maar grotere problemen te hebben. De Spassky’s zouden de Spassky’s niet zijn als er niet nog ergens een aas in de mouw zou zitten. Op bord 8 debuteerde Jan Kroon: een schaker met een lang en rijk schaakverleden. Wel een paar gaten in zijn schaak cv maar alleen een kniesoor die daar over gaat zitten zemelen. Zijn cv laat ook zien dat hij nog een broer heeft die schaakt. Veel later, in een pizzeria die tot de vaste stek van de Spassky’s is gaan behoren, zitten de beide broers naast elkaar, elkaars partijen van commentaar te voorzien. Dat leidt tot een aantal fraaie momenten en een aantal nog fraaiere jeugdherinneringen. Zoals het verhaal van een jeugdtoernooi ergens in Friesland. Beide jongens spelen tegen elkaar. De ene broer stuitert door de speelzaal waarbij hij totaal geen oog heeft voor zijn bord. De andere zit uiterst gedreven achter het bord. Hij gaat er het beste van maken. Wel vervelend dat hij na elke zet zijn broertje op moet halen om hem te vertellen dat hij aan zet is… Die doet snel een zetje waarna hij weer is verdwenen. Hoe de partij is afgelopen weet ik niet maar ik heb wel een vermoeden.

 

Met de inzet dus van deze verborgen gehouden broer was het team er weer bijna helemaal klaar voor. We hadden alleen nog Alidston nodig. Met bananen bij voorkeur. Een voorwaarde voor een succesvolle dag. Maar het was pas 13.00 uur, dus Alidston konden we nog lang niet verwachten.


Sissa 2 dus. Sympathieke gasten die Sissanen. Bij Sissa kom je geen opgeprikte types tegen. Geen kwasten, geen koekenbakkers. Geen sprake van. Allemaal bijzonder sympathiek volk. Maar goed, de wedstrijd.
Op bord 1 werd met enige vertraging begonnen. Edim kwam ietsje later. We stelden ons zo voor dat hij onderweg naar het Denksportcentrum Alidston was tegengekomen. “He, Edim, alles goed?” Daarna uitgebreid bijpraten, wellicht nog even ergens een bakkie doen… no rush. Moesten we niet ergens zijn?
Maar zo rond half twee kwamen de mannen binnen. Edim goed uitgerust, Alidston met bananen. Het gaat een mooie dag worden.
Hoewel. Er is ook slecht nieuws. En ik heb geleerd slecht nieuws zonder omhaal te brengen. Recht op het doel af, niet met de wolven meehuilen, koel en zakelijk brengen die noodtijding.


Jansen-Pastoor

 

Wit heeft een fantastische partij gespeeld en kan oogsten met een directe snit in Noord Oost. 1. Dxg8+ Kxg8 2. e8D+ Kh7. Uit. Na 3. Dxe5 heeft wit totale controle en zwart kan opgeven. Janski was echter zo verrukt van zijn Noord Oost hoek dat de rest van het bord was veranderd in een beslagen ruit met klaveraanslag. Na 3. Df7?? had hij slechts rekening gehouden met 3. … Df8 maar er kwam natuurlijk 3. … Dd4+ waarna wit drie down gaat. We maken er verder geen woorden meer aan vuil en ik zal stoppen met die storende kaartterminologie. Ik hou niet erg van kaarten, laat dat duidelijk zijn.
Les 1: Als je mat wordt gezet, kan je zelf geen mat meer zetten.

 

Aan bord 1 speelt Putski een partij die al snel over de controle van veld e4 gaat. Met succes had hij deze minislag kunnen winnen door Ld3 te doen. Maar Putski speelt geen Ld3. Putski speelt h3… omdat zwart al zoveel onnodige pionzetjes had gedaan dat hij ook een duit in het zakje wilde doen. Zeg het maar als ik te cynisch word hoor, maar dit is toch het gedrag dat je meer verwacht bij het tweede Klaverjasteam van Loppersum die een onderlinge competitie heeft georganiseerd met als 1e prijs een rollade van de plaatselijke slager. Vond Henk zelf naderhand eigenlijk ook wel en toen een remise aanbod kwam, nam hij het maar snel aan. Niet meer aan denken, de schade is beperkt gebleven.
Les 2: Als je de slechte gewoontes van de tegenstander kopieert ga je niet winnen.

 

Aan bord 2 speelt het broertje van onze geheime kracht. Een boeiende partij waarin veel onderhuidse spanning zit. Een klein deel van de analyse heb ik kunnen zien. Krankzinnige varianten vliegen over het bord. De ene variant nog spectaculairder dan de volgende maar het speelt zich allemaal onder de oppervlakte af. Tijdens de partij zelf wordt vooral gekozen voor het ontwijken van deze scherpe varianten. Uiteindelijk word tot remise besloten in een stelling die niet uit balans lijkt. Een partij waarvan de analyse misschien mooier is dan de partij zelf.
Les 3: Als alle scherpe varianten worden vermeden wint niemand.

 

Bord 3. Alidston weer in topvorm. We hebben allemaal de stille angst gehad dat de nieuwe, jonge, blonde vriendin de strijd om aandacht zou aangaan met de niet meer zo jonge, grijze vrienden van de Spassky’s. Er is niemand die zijn goede geld dan niet op jong en blond zet. Laten we wel wezen. Maar van vijandigheid geen sprake. Steevast is de vriendin ’s avonds te vinden in Atlantis om Alidston nog even te zien schitteren bij zijn onvolprezen analyses. Daarna gaan ze meestal hand in hand naar de overkant om een filmpje te pikken. Zie die Alidston lopen: één brok zelfvertrouwen! Zo zit hij deze mooie zaterdag ook achter het bord. Hij loopt met wit zijn tegenstander helemaal onder de voet. Een partij waarin ruimte en centrumbeheersing aanvankelijk de belangrijkste elementen zijn. Een en ander mondt uit in een eindspel waarin Alidston het loperpaar heeft tegen een toren van zwart. Het moet gewonnen voor hem zijn. Echter, met nog weinig tijd op de klok, en een tweede matchpunt bij remise, kiest Alidston voor het halve punt en een 4½ - 3½ overwinning. Teamgeest is ook iets waard en ik reken dit halfje doodleuk als een heel punt. We gaan niet krenterig doen.
Les 4: Met wit win ik omdat ik wit heb. Met zwart win ik omdat ik Alidston ben.

 

Bord 4. Bewaren we voor het laatst. De mooie dingen van het leven moet je gedoseerd brengen.
Les 5: Life’s a bowl of cherries

 

Bord 5. Maurits speelt een plaatje van een partij. Eric Jan speelt een opening waarin wit naar voren wordt gelokt. De hoop is dan dat wit veel ruimte pakt om er even later achter te komen dat er achter zijn vooruitgeschoven linies allerlei gaten zijn ontstaan. Wit pakt de ruimte die hij krijgt. En hij pakt er nog een beetje meer bij… Nog nergens zwaktes in het achterveld, nog nergens druk tegen zijn vooruitgeschoven linies. Maurits pakt nog maar eens een beetje ruimte. Waarom niet? Als je een vinger krijgt en je mag de hele arm eraf rukken zonder dat er iemand piept… Doen! Maurits bezit het hele bord. Zwart heeft nauwelijks velden, wit heeft er legio. En ze zijn allemaal goed! Beelden van drukpersen en walsmachines hangen als stripwolkjes boven het bord. Heb je wel eens zo’n machine gezien waarin een auto in drie tellen tot een blok schroot van 15 bij 15 centimeter wordt gedrukt?


Logtmeier-Walinga


Zwart heeft net f5 gespeeld om nog enigszins te kunnen ademen maar wit beslist de partij met het fraaie Pg5+ (2x) gevolgd door Pe6.
Les 6: Pak wat je kan pakken en liefst nog een beetje meer.

 

Bord zes: hier gebeurt niets. De witspeler voelt zich onprettig in de opening en is gericht op afruil en solide spel. In een dode stelling volgt een remiseaanbod en er is geen reden om dat te weigeren.
Les 7: Twee keer niks = 1 gedeeld door 2.

 

Bord 8. Jan Kroon debuteert tegen een debutant. Het belangrijkste doel van de meeste debutanten is om niet af te gaan. Men wil een fatsoenlijke partij afleveren waarvan niemand achteraf kan zeggen dat het allemaal niet zo fris rook. Zo’n partijtje als die van bord 6… dat soort werk verwacht je dan een beetje. Maar op bord 8 niets van dat alles. Aantrekkelijk schaak krijgen we te zien! Jan offert hout voor de aanval. Het speelt zich allemaal af op het scherpst van de snede. De zwarte h pion kruipt naar h3, er valt hout van het bord op b7 en a7, er dreigt mat in een paar… De witspeler, normaliter uitkomend voor Sissa 4, verdedigt zich goed en biedt remise aan op het moment dat de ergste aanvalsgolf is opgevangen. Het remise aanbod wordt ook hier aangenomen.
Les 8: Zorg altijd dat je teamleden hebt met schakende broers.

 

Dan nog, zoals beloofd, de klapper van de dag. Dries zijn finest hour.
Zo lijkt het in het begin overigens niet want Dries is een van de weinigen met een dubieuze stelling na een uurtje of twee. Zijn opening rammelt en ik kan zien dat hij het allemaal nog niet goed in de vingers heeft. Zijn partij afgelopen december tegen Karpov is de enige praktische ervaring en dat zie je. Lambertus krijgt een geweldige druk tegen d6 en ik zal eerlijk zeggen dat ik mijn geld op wit had gezet. Maar Bert aarzelt zo rond zet 20 en ineens is er de bevrijdende zet 24. … d5.


VanderMaarel-Koster1


Het grote witte voordeel verdampt en de partij gaat een nieuwe fase in. Een fase die Dries heel goed speelt. Na een paar slagmomenten ontstaat de onderstaande stelling.


VanderMaarel-Koster2


Een stelling waar de zwakke onderste rij van wit onmiddellijk opvalt. Zwart speelt en wint zou op het blaadje van de scheurkalender hebben gestaan. Na 32. …. La3 probeert wit het nog met 33. Db1 Tc1+ 34. Dxc1 Lxc1 35. Tc2 maar na 35. … La3 is de partij gespeeld. Hoewel… bij Dries weet je het nooit. Wellicht is Bert op de hoogte van de onwaarschijnlijke serie blunders, bokken en missers die Dries de laatste jaren heeft bijeengegaard. Wellicht is Bert bekend met het feit dat Dries grootmeester is in de schone kunst van het weggeven van totaal gewonnen stellingen… dat hij daarom zo lang blijft doorspelen. Maar ik wil best een tipje van de sluier lichten. Ik ben de beroerdste niet en ik zal een Spasskygeheimpje verklappen. Wij Spassken kijken, in situaties waarin Dries weer helemaal gewonnen staat, nooit naar zijn stelling. Wij kijken uitsluitend naar hoe Dries achter bord zit... of staat. Je kan daar alles uit aflezen, je hebt de stelling zelf niet nodig. Er zijn een aantal vaste patronen herkenbaar. Als Dries op zijn stoel staat, zich op de borst slaat en een Tarzan-imitatie geeft terwijl zijn oog zoekt naar een plafondlamp waaraan hij heen een weer kan slingeren, weten we genoeg. Hoe huizenhoog gewonnen zijn stelling ook is, dat punt kunnen we wel vergeten. Met gebogen hoofd wenden wij ons af van de partij… weer een nul… Wij noemen dat, achter Dries zijn rug om natuurlijk, we willen niet dat hij het weet, het Tarzanpatroon. Een ander veel voorkomend patroon is wat wij zijn gaan noemen het BB Kingpatroon. Je kan wel ongeveer raden hoe dat er uitziet denk ik. Ik hoef niet in details te treden. In elk geval kunnen we de partij dan verder wel vergeten, de man zit bij een concert ofzo, misschien speelt hij zelfs wel mee. BB King kijkt vol belangstelling toe. Zoiets. De zetten die Dries doet in zo’n situatie raken kant nog wal. Vroeger of later, meestal vroeger, gaat zijn dame zomaar van het bord, promoveert er ineens een vijandig pionnetje of staat hij zomaar mat. Denk niet dat ik het overdrijf, we hebben het allemaal meegemaakt. Maar vandaag is alles anders!
Vandaag zit Dries niet alleen achter het bord, hij kijkt ook naar het bord! Geïnteresseerd en geconcentreerd. Wij weten genoeg, dat punt is binnen! Dries leert nog elke keer bij… de ratinggrens waar hij al een aantal jaren maar niet overheen komt zal zeer binnenkort worden overschreden. Daarna is het beest los! Read my lips.

 

Ketenstrijd

Spassky’s – Philidor 1847 3: 4 -4
8 maart 2014

 

De klassiek geschoolde schaker kent ongetwijfeld “Die Praxis meines Systems” en “Mein System” van Nimzowitsch. Begrippen als blokkade en ketenstrijd zijn daarin belangrijke thema’s. Nu vraagt de nieuwsgierige lezer zich af wat dit met de onderhavige wedstrijd van doen heeft. Helemaal niets. Maar wel met de “afterparty”.

 

Vooraf hadden we al vastgesteld dat een matchpunt tegen Philidor 3 hoogstwaarschijnlijk voldoende zou zijn voor een verlengd verblijf in de 3e klasse. Dat matchpunt kwam er dan ook en het kwam snel, want na 3 uren spelen was de eindstand bereikt. Een uitslag waar beide teams wel tevreden mee konden zijn.

 

De zon stond op de ramen, het was warm en de gordijnen gingen dicht. Roelof had al op bord 2 vooruit gespeeld tegen Jan Boersma (remise). De partijen die het scherpst waren opgezet waren het eerst afgelopen.

Jan vergaloppeerde zich in een goede stelling, verloor materiaal en moest opgeven.

 

Bij Putski stond een stelling op het bord waarbij zijn tegenstander een veelbelovend ogend opgerukte pion op h7 had geparkeerd. Daar is het houtje echter blijven staan en heeft nimmer het promotieveld bereikt. De partij werd hier beslist door een subtiele en mysterieuze koningszet gevolgd door een onverwachte paardzet met winst van een kwaliteit en dat bleek doorslaggevend voordeel op te leveren. 1½ -1½

 

Zo stond het na 3 partijen nog gelijk. Hierna werd puntentechnisch gezien het evenwicht niet meer verbroken en werd in de resterende 5 partijen soms na enige strijd de vrede getekend.

 

Dries stond in een eindspel met 2 lopers tegen loper en paard een pion voor. De winstvoering oogde echter bijzonder lastig, hetgeen in de analyse met 5 Spassken nog eens bevestigd werd. Dat leverde sowieso wel een hilarische kakafonie op van 5 verschillende luidruchtige winstplannen waarvan er maar 1 steekhoudend bleek. Dat vond het Centraal Planbureau ook, maar helaas die winnen de verkiezingen niet voor je team.
Dries nam geen risico, koos voor het teambelang en ruilde loper tegen paard. Dat leverde een eindspel met ongelijke lopers op en pion meer. In de meeste gevallen zijn deze eindspelen goed te keepen en dat werd hier dan ook bewezen: 2 -2.
Het samen analyseren is soms nog leuker dan zelf een partij spelen. Het terugzetten van de stukken in de juiste stelling is overigens een kwaliteit waar we nog aan moeten werken.

 

Rolf bood daarna, na een zet of 20, remise aan in een stelling waarin hij een fractie beter stond maar ook niet meer dan dat. Dat remiseaanbod werd aangenomen. 2½ - 2½.

 

De tegenstander van Janski speelde met wit de opening nogal apart waardoor Henk na een zet of tien, 4 ontwikkelingstempi voorliep. Daar had hij misschien munt uit kunnen slaan maar dat was niet makkelijk te zien in een wat gesloten stelling. In een eindspel van paard tegen loper hield hij de stelling dicht en liet de wedstrijdleider ontbieden bij 3x dezelfde stelling. Hier werd de reconstructie niet afgewacht en remise overeengekomen. 3 – 3.

 

Maurits bood hierna remise aan, omdat hij niet zag hoe hij verder moest komen. Hij miste wel rond de 30e zet een mogelijkheid op groot voordeel zoals de computeranalyse bij thuiskomst uitwees. 3½ - 3½.

 

Als laatste speler zat Peter al snel in een eindspel waar het evenwicht ook niet verbroken werd. Hier werd eveneens de vrede getekend. Eindstand 4 -4.

 

Spassky’s tevreden met het resultaat, daarna bier, analyseren in het Praethuys van de Fabeltjeskrant (“oh wat sta ik hier goed!!”; “waarom speel je dat niet?”; “dit soort eindspelen kan ik niet spelen, dat moet Putski doen”) en de pizzeria.

De man van de wedstrijd moest helaas zijn fiets met kinderzitje in het centrum van de stad achterlaten, omdat een onverlaat de fiets van Putski aanzag voor de fiets van zijn vriendin en deze geketend had met een niet te kraken AXA slot.
Een speurtocht in de pizzeria naar de man met het slot leverde niets op. De politie op het hoofdbureau gaf ook niet thuis, ze leenden geen betonscharen uit. In Sneek is de politie behulpzamer, zolang je maar Fries spreekt, dat was de vorige wedstrijd wel gebleken. Volgens de laatste berichten staat de fiets nog in het stadscentrum. Het lijkt een sportieve week met veel stadswandelingen te worden.

 

Rolf

 

 

Dag van desorïentatie en dovemansoren

Sneek - Spassky’s: 5 -3

 

Op de zaterdag dat Sven Kramer zou beginnen aan het uitpoetsen van iedere herinnering aan de foute baanwissel van vier jaar geleden, speelden wij voor de vierde keer in zeven jaar KNSB in de derde klasse A tegen Schaakclub Sneek. Drie keer troffen we elkaar niet. Gedurende één seizoen maakte Sneek een uitstapje naar de 2e klasse en tijdens twee seizoenen ontliepen wij hen door ons verblijf in de derde klasse B, in de dagen dat onze uitwedstrijden ons over de Duitse Autobahn voerden, naar Doetinchem, Almelo en zelfs een keer Winterswijk.

 

Het verband tussen Sven en de Spassky's? Beiden zijn lid van de KNSB. Ook binnen de Spassky's-gelederen is er een speler bezig met een baanwissel. Wie mag ik niet onthullen, het is nog strikt geheim. Slechts een of twee mensen op zijn huidige werk weten ervan. En uiteraard wij, zijn trouwe Spasskyvrienden, die hem met daad en raad bijstaan, want een foutje is zo gemaakt.

 

Of Sven na dit olympisch toernooi met de dubbel naar Friesland terug zal keren, is op moment van schrijven nog niet bekend. De man uit Heerenveen is al op de helft van deze missie, na goud op de 5 Km. Wel weten wij intussen dat de Spassky's constant blijven presteren tegen Sneek, voor de vierde keer in successie gingen de punten naar de Waterpoortlieden. Het was voor Friezen, met name die uit Heerenveen, sowieso een goed weekend tegen Groningers. Ook in de Euroborg was het zondagmiddag geen feest kan uw reporter als ooggetuige melden.

 

Desoriëntatie was op deze middag wel het thema. Of zoals de correspondent van de tegenpartij meldt: "Nadat alle gedesoriënteerde Groningers zich verzameld hadden in het Convenant konden we los." Bijgehouden had niemand van ons dit, maar 5 Km hebben we opgeteld zeker omgereden.

 

Dit ondanks de tip die de teamleider van Sneek zo vriendelijk had doorgemaild: vul niet 'Oudedijk' in in uw navigatiesysteem maar 'Worp Tjaardastraat'. Tegen dovemansoren gesproken; deze tip werd collectief genegeerd. We zagen de postmobiel de Oudedijk van beide kanten inrijden en even later in zijn achteruit weer uitkomen, enkele betonpaaltjes op een haar na missend. Ook de Kosterexpress toerde op dat moment dolend rond, met aan het stuur een non-stop bellende Dries: Waar moet ik heen? Het achteloos terzijde schuiven van een mail met goedbedoelde raad, het tekent iedere rechtgeaarde Spassk. Het zou eerder vreemd zijn als dat eens níet en masse gedaan zou zijn.

 

Positief onderscheidde zich hierin alleen Janski, zelf ook in Friesland woonachtig. Hij vond het nieuwe speellocaal zonder enig probleem. Maar aan de algehele desoriëntatie die op de laagste vier borden schaaktechnisch werd tentoongespreid, kon hij zich niet onttrekken. Op de borden 5 tot en met 8 was er sprake van een onvervalste clean sweep: 4-0 voor de Friezen. Dat de einduitslag nog een draaglijk aanzien kreeg, lag deze keer geheel aan de hogere borden. Die scoorden zo goed dat het zelfs op een kleinst mogelijke nederlaag was uitgedraaid als Dries op vier, met een toren meer, het punt had laten noteren. Helaas, desoriëntatie en driesoriëntatie schelen maar twee letters, niet alleen achter het stuur. De concentratie was weg en Dries gaf het uit wanhoop door de Sneker geofferde kleinood gedachteloos terug.

 

De scribent van Sneek vond hun overwinning volstrekt volgens de natuurlijke loop der dingen en misschien heeft de goede man daarin ook wel gelijk. Dries kreeg dan een halfje te weinig, maar verder viel er weinig af te dingen op deze wedstrijd. Roelof kreeg aan de andere kant van de streep wellicht een halfje te veel.

 

Toch was het Peters partij die het verschil maakte tussen verlies en gelijkspel, want op één moment leek hij gewoon te winnen:

 

Stavast-Bodewes

Stavast-Bodewes, diagram na 26...Dh5

 

Zowel Tc1 als Le5 hangt, wat te doen? Wit vond de oplossing: 27. Da6 en de rollen zijn omgedraaid.

 

Overbodig te vermelden dat na afloop de zoektocht naar eetcafé De Lachende Koe ook weer één met veel vragen en omwegen was. Rolf schroomde niet zelfs de sterke arm der wet hierbij in te schakelen. Gelukkig had hij geen boetes meer openstaan. Spassken horen wel, maar luisteren niet, dat moet de constatering zijn. Hilarisch was het moment dat we het etablissement eindelijk vonden, maar drie andere Spassken aan de overkant van het water zagen lopen. 5-3, ook hier. Jan wilde nog fierljeppend naar de overkant komen maar vond geen stok. Tijdens een gevarieerd maal werden de meeste partijen nog eens doorgenomen, maar 5-3 hield toch wel stand als een terechte uitslag.

 

Wat partijfragmenten tot slot:

 

Lootsma-Koster

Lootsma - Koster, diagram na 31. Dxe5+

 

Dries liet hier 31...Le6 los en was na f3 de toren voorsprong weer kwijt (Dxg7+). Hij herpakte zich, kreeg zelfs weer een gewonnen eindspel, maar Dries is geen eindspelman. Remise.

 

Kroon-Fluit

Kroon - Fluit, Diagram na 54. Df5

 

Fluit maakte van het zwakste stuk van het bord het sterkste met 54...Tg4 55 Dxe6 Txg3+ 56 xh3 1-0

 

Logtmeijer-Holl

Logtmeijer - Holl, diagram na 14...Lxc5

 

Maurits kwam met een gezonde pion voorsprong uit de opening, maar overzag dat na 15. 0-0-0, niet 15 ...h4 16. Le1 Le3+ 17. Ld2 de volgorde is die zwart zal kiezen, maar 15...Le3+ 16. Kb1 h4, en alle jeu is van de witte stelling af. Een alternatief was 15. Lf2 geweest.

 

Partij van de dag is misschien deze keer die van mijzelf. Volgens de engine vond ik de enige winnende zettenreeks op zet 27 tegen Schram en die lag niet aan de oppervlakte:

 

Schram-Van Putten

Schram - Putski, diagram na 26. Da3

 

26...g5! 27 Lxg5 f4 28 Kg2 (De computerverdediging is 28 g4 Pxg4 29 Da7 Df5 30 Lxe4 Txe4 31 Txe4 Dxg5 32 De7 Pf6+ 33 Kh2 Dh4 34 Tg1+ Lg6, maar ook dat zou zwart moeten kunnen winnen. De eerste twee zetten van deze zevenzettenlange variant had ik gezien.) 28...xg3 29 xg3 Df5 30 Lf4 Lf3+ 31 Kh2 Dh5 32 Ta2 Pg4+ 0-1

 

Putski

 

Duel
Spassky’s – De Twee Kastelen: 5½ - 2½

zaterdag 4 januari 2014

 

In de 4e ronde stond in de 3e klasse van de KNSB, de wedstrijd tegen de Twee Kastelen op de rol. Op papier gelijkwaardige tegenstanders, op de ranglijst de Spassky’s vooraf beter geklasseerd. Het zou wel prettig zijn als de Spassky’s hier minimaal een matchpunt aan over zouden houden.
Uw verslaggever betrad rond 14.15 het Denksportcentrum en werd verwezen naar het kleine zaaltje waar een opvallend serene rust hing. Het eerst begroette ik Dries, rondlopend in een van zijn opvallende T-shirts, volkomen ontspannend ogend, de virtuele ratingmeter in het 2000 plus gebied. Het was koud in het zaaltje. Ik zag Kronov al snel een jas aantrekken en dat leek mij ook een goed plan.

 

“Als de rook om je hoofd is verdwenen; Boudewijn de Groot” 1972
Eerst eens kijken bij het bord van Dries. Een eerste indruk: wat vage aanvalskansen verpakt in een enthousiast gemoed en zijn tegenstander goed ontwikkeld. Een kwartier later moest Dries opgeven, de stelling was toch wat oververhit geraakt. In de analyse bleek dat Dries een plan koos dat teveel tijd kostte en bovendien zijn dame aan allerlei gevaren bloot stelde. De 2000 barrière is nog niet doorbroken. Soms moet men een stap terug doen om er later twee vooruit te maken.

 

“Celebration; Kool and the Gang” 1980
Jan was van het Schaakfestival in goede stemming en met een prima resultaat teruggekeerd. Men is dan ook benieuwd of dit in de 3e liga een vervolg gaat krijgen. Ik zag dat Jan in de opening een pion had geofferd. Op dat moment zag ik die compensatie niet zo. Een bewijs voor de stelling dat de beste stuurlui op het schip zitten en niet vanaf de wal hun ongefundeerde meningen zo maar kunnen verkondigen. Jan was een kwartier na Dries klaar. Zijn tegenstander maakte een foutje dat keihard werd afgestraft met materiaalwinst en de partij. Daar waren slechts 18 zetten voor nodig. De tussenstand was nu 1 – 1.

 

“A well respected man; The Kinks” 1965
Nog 6 borden actief. Op 5 borden kon het nog alle kanten op voor zover ik kon zien. Het bord waar het direct de goede kant op ging werd bezet door Alidston. Waarom bananen krom zijn en Alidston altijd goed staat, vraag niet hoe het kan, het is zo. Alidston kwam vanuit de opening bijzonder goed te staan. Overal waren gaten in de stelling, de vergelijking met een Emmenthaler kaas drong zich op. Zwakke velden werden ingenomen en de stelling geinfiltreerd met materiaal. Er dreigde van alles en nog veel meer. Hij gaf zijn tegenstander geen enkele kans terug in de wedstrijd te komen. Een zeer solide en overtuigende overwinning. De bananen waren ditmaal overigens groen maar daar kan Alidston niets aan doen. De stand op 2 – 1.

 

“These boots are made for walking; Nancy Sinatra” 1966
Evenals Jan, had Peter zijn goede vorm van het Schaakfestival Groningen meegenomen naar de competitie. Peter speelde met veel overtuiging op de 3e zet een van zijn randpionnen naar voren. Dan verwacht men een soort “kiloknallerschaak”, lange halen snel thuis. Het resultaat was echter een type gesloten stelling met van beide kanten diepzinnig manoeuvreerwerk, een kunstje dat door Peter beter werd uitgevoerd, resulterend in materiaalwinst en de partij.
Stand: 3 – 1

 

“You can’t get what you want (till you know what you want); Joe Jackson” 1984
Sommige openingen ogen bijzonder saai. Het is als met een “light” product uit de supermarkt: nul procent vet, nul procent smaak. Janski voegt dan graag een persoonlijke “touch” toe om het product wat smaakvoller voor de consument te maken. Maar dan moet je wel voorzichtig te werk gaan met de juiste ingrediënten. Het is als met die slagroomtaart van de Hema met 65 E-nummers, dat is teveel. Dan grijpt uiteindelijk de Voedsel- en Waren autoriteit in en neemt het product uit de handel. Handhaving heet dat. En er volgt een sanctie. Volgende keer verwachten we meer authentieke smaken. Henk overweegt nu zich aan te melden voor “Heel Holland bakt”.
Stand 3-2.

 

“Shout to the top; Style Council” 1984
Misschien kwam het wel door zijn recente bezoek aan de kapper. Heeft die man soms ook een kleurspoeling genomen? Ik telde minder grijze haren. Dat wil niet zeggen dat er dan geen problemen op te lossen zijn. Het geheim van Maurits is dat hij altijd de kentekenplaten controleert. Als er geen match is met de database, wordt het vervoermiddel onverbiddelijk van de weg gehaald. Maurits toonde zijn bekwaamheid in het middenspel, nadat hij de gevaarlijk ogende aanval van zijn tegenstander onschadelijk had gemaakt. Maurits won een pion en wikkelde af naar een eindspel met een pion meer van loper tegen paard en pionnen op beide vleugels. Dat bleek goed getaxeerd, want het paard speelde met een enkelbandje en de loper was een medewerker van de reclassering. Het paard kon geen streken uithalen onder dit verscherpte toezicht. Al snel stoomde de a-pion onbedreigd op naar het promotieveld, waarna zijn tegenstander de vlag streek. 4 -2.

 

Nog 2 borden te gaan met de vier beste spelers. Hier zou de beslissing vallen. Op de hoogste borden zaten Putski en Kronov onbeweeglijk op hun stoel de houtjes te observeren. Ze deden mij denken aan een Spartaanse retraite in een Zen klooster (ook daar werkt de verwarming meestal niet), waarbij op je stoel blijven zitten is verordonneerd door de Dalai Lama himself. Het gebrek aan beweging werd gecompenseerd met de gebruikelijke cerebrale diepzinnigheid die we van deze heren gewend zijn. Misschien had de verwarming een graadje hoger kunnen staan, maar dat had niets uitgemaakt. Hun verzet was in ieder geval bijzonder hardnekkig en genadeloos. Het spel van Kronov, gericht op dat halve punt (en dat zal er komen ook). Putski oogde wat dynamischer op het bord maar ook van zijn spel begreep ik niet veel.

 

“Rock in the sea; Shocking Blue” 1972
Putski speelde op bord 2 gewoontegetrouw een lange partij. Het gaat er bij Putski niet om dat je snel vertrekt maar wel dat je als eerste aankomt. De parabel van de schildpad en de haas. Putski stond in het middenspel goed maar een duidelijke beslissing zat er nog niet in. Hij koos voor de”rock solid” benadering: zorgen dat de tegenstander geen gelegenheid krijgt zijn kanskaart te spelen mocht hij die op zak hebben. Uiteindelijk promoveerde een pion tot dame en 1 zet later dreigde mat en toen gaf zwart op. De matchpunten in de tas: 5- 2

 

“Time is on my side; Rolling Stones” 1965
Kronov, alias Captain Iglo, stond m.i. niet geweldig. Hij stond een tijdje een pion achter die echter ook weer teruggehaald werd. Daarna stond hij toch een pion achter en toen was uw verslaggever op zoek naar het pionnentelraam. Er stond in de eindfase een toreneindspel op het bord met Roelof 1 en Weggen 2 pionnen. Roelof sloot zich op in zijn eigen iglo en hield achter het bedieningspaneel cameratoezicht. De zwarte toren joeg buiten de poort op het dievengilde (lees de witte koning). Dat bleek een steekhoudende strategie. Remise was de onvermijdelijke uitslag.

 

Eindstand: 5½ - 2½; toeschouwers: enkele toevallige passanten en uw verslaggever.
Rolf
PS: “Duel” een nummer van Propaganda uit 1985

 

 

Groningen Combinatie 4 – Spassky’s 3½ - 4½.

verslag: Peter Bodewes


De derby tussen de Spassky’s en de Groninger combinatie was een ontmoeting waar ik al lang naar uitkeek. De oude strijdmakkers (althans het Groninger deel ervan) ontmoeten aan de andere kant van de tafel geeft zo’n wedstrijd wat mij betreft toch wat extra sjeu. Ik weet niet precies waarom, maar in de dagen voor deze ontmoeting moest ik steeds dromen over gehaktmolens en bloederige scalpen. Vraag me niet waarom. Het is me een raadsel. Voor wat betreft het niet-Groningen deel van de Combinatie blijft het toch nog een beetje wennen. Je krijgt soms de neiging tot opmerkingen als “wat doe jij hier nou?”. En het is niet alleen voor mij wennen, zo blijkt.

 

We zullen in het kader van de lieve vrede geen namen noemen maar voor in elk geval één ex Unitasser bleek de stap ook nog te groot. Dit niet nader te noemen personage, en ik kan u in vertrouwen meedelen, dus ga alstublieft een beetje prudent om met deze informatie, dat het hier gaat om Mario van de Raad, stond om 13.00 uur in de startblokken bij het Denksportcentrum. Pen in de hand, varianten in het hoofd, all dressed up and no place to go… Hoewel, dan maar naar de locatie aan de Peizerweg. Daar was, vijf minuten voor zijn aankomst, inmiddels de al voor dergelijke calamiteiten opgetrommelde invaller van de bank gehaald. Ruw verstoord uit de krant door De Beer, de lange haren wapperend in het plotselinge besef dat er enige arbeid verricht zou moeten worden had Nico Karsdorp plaatsgenomen in de nog lege plek tegenover onze man aan bord vier. Over oude strijdmakkers gesproken. Jaar na jaar stroopten Nico en ik in vroeger dagen de kroegen van Groningen af tijdens het Kroegendoorgeefschaaktoernooi. Een paar memorabele wedstrijden staan me nog levendig bij maar ik zal u niet vermoeien met nadere details van deze strooptochten.


De wedstrijd. De spannendste wedstrijd van de zaal, zonder enige twijfel. De
Combinatieteams 1, 2 en 3 vermorzelden in andere delen van de zaal hun tegenstanders.
Cijfers als 7½ - 2½, dat soort werk. Voor het vierde ging dat zeker niet op. Sterker, het leek er om een uur of half vier veel op dat de vierde combi zwaar in de pan gehakt zou worden. Twee snelle punten op de borden 5 en 7 en op bijna alle andere borden hoopgevende stellingen. Later we er maar eens langs lopen.


Bord 1. Roelof vs Mark Kruit
Oude maatjes van elkaar, kennen elkaar door en door. Ik ken Mark natuurlijk ook uit mijn
Groningen tijd. Talloze partijen tegen gespeeld. Ik ken hem als iemand die het liefst met een pion minder speelt en daar dan wat vage rommelkansen voor terug wil hebben. Een “Handige Henkie” waar je een paar keer van moet winnen voordat het punt echt binnen is. In de partij tegen Roelof staat Mark een pion voor. Roelof heeft er eeuwige druk over de (gecensureerd) voor terug en een aantal structurele voordeeltjes. Misschien is Marks stijl in de loop der jaren iets veranderd, misschien is het met het klimmen van de jaren allemaal iets bezadigder geworden. Maar ik hou nog even mijn oude regel aan: als Mark in de (gecensureerd) een pion voor staat, gaat ie niet winnen. Dat ziet er gunstig uit.

 

Bord 2. Putski tegen Zuiderweg, E.
Verrassende opening. Tijdens de analyse wordt duidelijk waarom. Is het angst? Is het
wederzijds respect? Voor het gemak hou ik het maar op het eerste. De analyse begon (en leek niet op te houden) als volgt: achtereenvolgens zijn Putski en Edwin aan het woord. “Die variant wil ik ontwijken.” “Ja, maar die had ik niet gespeeld! Ik was bang voor jouw
voorbereiding.” “Ja, maar ik zou al eerder zijn afgeweken, ik was bang voor jouw voorbereiding!” Ja, maar ik was nog eerder afgeweken want ik durfde niet op jouw
voorbereiding in te gaan”. “Ja, dat zal wel, maar ik was al op zet vier afgeweken, ik was toch een beetje bang voor jouw voorbereiding”. “Nou, ik was eigenlijk van plan op zet drie een andere variant te kiezen, want ik…

In de partij kwam op zet 2 iets op het bord dat Putski en Edwin nog niet eerder tegen elkaar op het bord hadden. Gezond en wijs maar bij hun volgende analyse stap ik pas in ergens in het middenspel, denk ik. Mijn openingskennis mag beperkt zijn, mijn geduld is nog veel beperkter. In de partij worden de middenspelplannen vastgesteld als zich een iso nestelt op d4. Zwart mikt alles volgens de regels van Nimzowitsch op d5. Als de ideaalstelling bijna is bereikt verandert Henk ineens de structuur door op e3 te slaan. Vaarwel iso, welkom loperpaar. Het is een kwestie van smaak, denk ik. Fritz zal het wel geweldig vinden. Ook zo’n loperfetisjist. Ik houd wel van paarden. Tijdens dat vleesschandaal, nog niet zo lang geleden, werd het afschuwelijk gevonden dat er paardenvlees door de gemalen koe ging. Man, ik juich dat toe! Natuurlijk, je mag geen knollen voor citroenen verkopen en ook niet andersom, maar een stuk paard? Niks mis mee!
Nou ja, na 13. … Pxe3, waar mijn handen dus niet van op elkaar gaan, krijgt Edwin het ideale centrum. Zijn stelling wordt mooier en mooier en als de paarden ook centrale posities in gaan nemen begin ik ernstig aan de goede afloop te twijfelen.
Edwin Zuiderweg - Henk van Putten
Wie hier liever de lopers heeft mag het zeggen. Edwin in elk geval niet. Die hinnikt nog net
niet door de zaal. Henk daarentegen houdt een lange monoloog over de merites van het loperpaar. Hij kan nauwelijks stil blijven zitten, hij wil lopen, lopen en nog meer lopen.
Edwin is ondertussen niet meer uit zijn fixatie te krijgen. Het paardenpaar en het pionnenduo
moet hem de winst op leveren. Hij moet hier totaal gewonnen staan. Wat? Eigenlijk is het uit.
Richting kleedhokjes voor de zwarten! Zet de douche maar aan… De herhaalmodus staat vol open en de analyse dreigt te verzanden; helemaal op hol te slaan. Ik geloof dat ik ergens een elleboog in iemands ribben heb gepland om de analyse nog enige waardigheid te geven.

 

Bord 3. Jan tegen Robert de Boer
Kan ik kort over zijn. Jan staat geweldig.


Bord 4. Alidston tegen Nico Karsdorp
Bizar feit nummer 1: Alidston was in de speelzaal aanwezig nog voordat zijn klok het eerste kwartier had weggetikt. Bizar feit nummer 2: Alidston was in de speelzaal aanwezig nog voordat zijn klok was aangezet. Bizar feit nummer 3: Alidston was gewoon op tijd.
Bizar feit nummer 4: Alidston was op tijd én had bananen bij zich! Moet ik verder nog iets over zijn partij zeggen? Ik wist om 12.55 uur al dat hij zou winnen.


Bord 5. Dries tegen Ewout Clarenburg
Ik zal het eerlijk zeggen. Ik heb wel eens gedacht dat Dries toch een beetje een eenzijdige speler is. Iemand die een enkel aspect van het spel goed begrijpt en goed kan toepassen. Ik was van plan een keer een collage te maken van 20 of 30 partijfragmenten van Dries. Dertig diagrammen met allemaal min of meer dezelfde stelling op het bord: 30 jaar Dries… zoiets.
Maar ik ben om. Na de partij tegen Clarenburg weet ik beter. Dries kan het echt! Dries
overspeelt zijn tegenstander vandaag met kleine zetjes. Een loper blijft dicht bij huis (e2), een pionnetje gaat naar de 3e rij (en niet naar de 4e). In vroeger dagen zou ik dit ondriesiaans hebben genoemd. Nu weet ik beter. Fijne manoeuvres zijn de basis van Dries zijn overwinning. Hij weet een geweldige drukstelling te creëren. Zijn tegenstander komt in de problemen, overziet een paar dreigingen en wordt binnen een paar uurtjes opgebracht. Niets dan lof! Veel later in Atlantis komt Alidston met een groots gebaar nadat we de partij nog eens hebben bekeken. “Dries, ik ben trots op je. Je hebt van me geleerd!”

 

Bord 6. Janski tegen Kawar Yakinsyah
Janski en Frans… een duo waar niet iedereen even dol op is. We komen er nog over te praten.


Bord 7. Peter tegen Eelke de Boer
Over deze partij valt niet veel te zeggen. Eelke speelt de scherpst denkbare variant zonder dat hij weet wat de bedoeling is. In de hoofdvarianten moet je een kwaliteit en een pion geven in ruil voor centrum en activiteit. Zoiets is achter het bord niet zo gemakkelijk te vinden maar na de 5e zwarte zet was er al geen weg meer terug. Dat beseft Eelke zich pas na mijn 6e zet. De lange denkpauze die daarop volgt spreekt boekdelen. Er komt een verschrikkelijke 6e zwarte zet. Er gaat zwart materiaal in de doos en er komt niets voor terug. Even later komen ook nog onnauwkeurige 10e en 11e zetten van zwart. Daarna is het helemaal uit. Hij moddert nog even door. Dat had hij zich kunnen besparen maar ik begrijp dat er nog even afscheid van de partij moest worden genomen. Dries drukte het later treffend uit: “we waren beide heel vroeg klaar maar jij was eigenlijk al een uur eerder klaar.”


Bord 8. Rolf tegen Reno Emerencia
Een trage partij waarin het alle kanten uit kan gaan. Rolf is zo wijs om “alle kanten” binnen strakke marges te houden. Om half vier ziet het er op dit bord volkomen gelijk uit en kan gerust een 6 – 2 worden getaxeerd.


Na nog twee uur spelen moet de voorspelling naar beneden toe worden bijgesteld. Op een
aantal plekken beginnen zich bruine plekken in de rozenkleur vast te zetten. We gaan de
resterende borden bij langs met een tussenstand van 2-0 voor de Spassky’s.

 

1. Als beide spelers nog slechts enkele minuten op de klok hebben, en er nog een hoop zetten moeten worden gedaan voor de tijdscontrole, slaat ineens de stelling om van positioneel naar concreet. Na Marks (gecensureerd) gaat het ineens om diep rekenen en taxeren van de verschillende eindspelen die over kunnen blijven. Ik en Dries kijken mee. (gecensureerd) “Ja, hoor”, zeg ik tegen Dries ”Roelof gaat winnen”. (gecensureerd). “Roelof gaat niet meer winnen”, zegt Dries tegen mij. (gecensureerd). Enige zet! Ruil, ruil en wat overblijft is een (gecensureerd) dat zwart zeer goede winstkansen biedt. Dan slaat blijkbaar de vermoeidheid toe. Alle voorgaande nuances worden onbelangrijk wanneer Roelof ineens gratis een (gecensureerd) krijgt. Direct erna wordt remise overeengekomen. Mooie (gecensureerd)! 2½ -½.


2 We keren even terug naar de analyse waarin de bovengegeven diagramstelling onder de
loep wordt genomen. Edwin wil zijn gelijk, Putski geeft niet toe. Uitvoerig wordt e6
onderzocht, nog uitvoeriger wordt d6 onderzocht en ik haal nog maar een biertje. Hoe laat komt die Chinees eigenlijk? In de partij komt 27. e6. Bij daglicht en enige hulp van onze plastic vriend wordt duidelijk dat dit misschien een kantelpunt in de partij is geweest. Veel sterker is 27. d6. Na de partijvoortzetting komt Putski helemaal terug. Na nog een zet of vijf, zes kan hij in iets betere stand, remise aanbieden. Een halfje stelt op dat moment de matchpunten zeker. Edwin weigert, speelt vervolgens onnauwkeurig. Putski komt met het sterke Lc7. Overzien door de witspeler. Edwin biedt remise aan, Putski weigert. Ten slotte, als op bord vier duidelijk is, dat Alidston gaat winnen, biedt Putski nogmaals remise aan. Deze keer kan wit onmogelijk weigeren. Er is er maar een die kan winnen, en dat is niet wit! 3 - 1.


3 Hier gaat het helemaal mis. Jan later zei: “Er zaten twee tactische grapjes in en ik heb ze beide gemist. Ik stond zo goed dat ik die eerste misser nog wel kon hebben maar die tweede misser was te veel van het goede.” Hier heeft iemand duidelijk een fris hoofd nodig. Volgende keer verplicht op de fiets naar de speelzaal! Dus ik kom de volgende keer bij je langs, Jan. De gebedelde, gestolen of geleende fiets staat al klaar. De fiets is niet te klein, de versnelling zit niet vast in de 1, de ketting zit erop… alles prima voor elkaar. De auto blijft thuis. Het wordt hoog tijd dat jouw zoon die op KNSB zaterdagen meeneemt. Beetje joyriding in pa zijn auto. Ik zal het er met Frank eens over hebben.

3 - 2.


4. En inderdaad. Alidston won. En hoe! Partij van de dag, denk ik. Fantastisch opgezette
partij, fantastisch gemanoeuvreer in het middenspel, fantastisch stukoffer en een fantastische g lijn tot slot. Live was het een feest, in de analyse was het een feest en ’s nachts in de kroeg werd het een meesterwerk. Met louter hoofdletters. Wellicht had de Jameson hier ook een klein aandeel in maar ik betwijfel dat. Graag zou ik nu een paar fraaie fragmenten laten zien maar helaas is Alidston te laat met het inleveren van zijn partij. Twee keer op tijd zijn is ook wel wat veel gevraagd misschien. 4 - 2.


6. In de gepassioneerde analyse waarin de gemoederen tot drie, vier keer toe moeten worden gesust wordt geopperd dat Janski zijn maatje Frans niet meer mee mag nemen naar dit soort wedstrijden. Janski een bonk verontwaardiging, Dries met het vuur in de ogen, een paar nietsvermoedende omstanders zoeken een veilig heenkomen. Ik zit er bij. Ik hou me een beetje op de vlakte want mijn tandartsverzekering is niet helemaal op orde, maar ja, ik moet Dries wel gelijk geven. Ik zie die vent ook niet graag samen met Janksi. Dxc6 en niet bxc6? Nee, hoor, weg met de gozer! Uit het team met die gast. Hij mag niet meer mee! Sicilië is toch ook mooi? 4-3.


8. Rolf weet de strakke marges een partij lang vol te houden. Waarschijnlijk staat hij in de
slotstelling beter. De remise is welverdiend en bijzonder nuttig. 4½ - 3½.


Rond zevenen wordt het Chinese buffet binnengereden. Een grote kar vol eten rolt binnen. “Kijk, de Spasskykar”, grapt Putski. Even later dempen de geluiden in de zaal. Iedereen eet. De beide 1e bordspelers van de wedstrijd zitten (alweer) tegenover elkaar. Een wedstrijd met sfeer kan je gerust stellen. Het valt me wel op dat het bord van Mark ongeveer drie keer zo groot is als die van Roelof. Dat moet ik nog eens navragen, hoe dat zit. Naarmate de bakken op het buffet leger worden, wat overigens vrij vlot zo is, neemt het geroezemoes in de zaal weer in volume toe. Biertjes worden aangedragen, flessen wijn gaan rond. Dit is wel zo ongeveer wat je wilt op een KNSB zaterdag. Zeker met twee matchpunten in de achterzak. Dat maakt de babi pangangsaus toch net weer even iets zoeter.

 

 

De wederkerigheid der dingen

Spassky's - Denk en Zet, 4-4

 

Proloog

Een citaat uit een mail van Roelof aan mij van zaterdag 19 oktober:

 

Kortom, in essentie is schaken een wreed gelukspel, wat misschien wel verboden zou moeten worden, gezien de wet op kans- en behendigheidsspelen.

 

Roelof sprak mij hier moed in. Ik, uilskuiken, had de avond ervoor twee zetten omgedraaid in de bekerwedstrijd tegen Veendam. Daarna kansloos verloren. 2-2 werd het, want Jan was in vorm en had in fraaie positionele stijl gewonnen. De andere twee, de heren Kroon en Logtmeijer, speelden remise. Dus werd het vluggeren. Hopsakee, daar ging ik er wéér kansloos af. Een mol met staar had op dat moment meer weerstand geboden. Weer 2-2, want Jan had opnieuw met vaste hand het punt gepakt en Roelof en Maurits hadden even zo gemakkelijk weer geremiseerd. En laat ik net één bordje hoger te hebben gezeten dan Jan. Jans bord viel af en Veendam ging door....de Spassky's uit de beker gekegeld door mijn hoogstpersoonlijke toedoen.

 

Maar het ergste moest nog komen. Niemand die mij openlijk de schuld wilde geven van deze bekernederlaag! Iedereen die wist dat het apert was dat ik helemaal als enige de schuld droeg en niemand die hierover zijn mond wenste open te trekken! ..... Erger kun je het niet treffen. Moest ik mijn teamgenoten dan smeken om mij de huid vol te schelden? Schreeuwen of Jan mij naar huis wilde laten lopen? Zo ver is Veendam toch niet! Wanhopig hoorde ik op de terugweg een oeverloze stroom van zalvende woorden aan, sussend, vergoelijkend, "ik speelde ook maar remise maar had echt moeten winnen", troostend, relativerend, "alleen Jan kunnen we niets verwijten", begripvol, empathisch, "meestal ben jij het die voor de punten zorgt", vol compassie, mild, "die beker en dat 's avonds spelen, is toch niks voor ons". Om alles mocht ik vragen, alles wat ik zei was heel goed en waar, alleen het boetekleed werd mij systematisch geweigerd - waar ik in mijn zwartgallige onmacht het liefst in de lokale aardappelfabriek was achtergebleven, om mijzelf, maar daarmee vooral het immense schuldgevoel waarin ik volledig was opgegaan, de maandag erna zalig tot zetmeel te laten verwerken. Gewoon lekker in de puree verdwijnen.

 

Think and Move (Gothim)


Dat was vrijdag 18 oktober, dit verslag betreft de wedstrijd van 15 dagen later, zaterdag 2 november. De Spassky's speelden tegen Denk en Zet uit Hattem en bij binnenkomst meldde de teamleider van Denk en Zet, mijn oude schaakvriend Johan Redeker, dat hun team ernstig verzwakt was. Twee sterke basisspelers waren verhinderd. Een invoelende glimlach sierde mijn nobele gelaat, "Wat vervelend". Meteen realiseerde ik mij dat dat nogal onoprecht uit mijn mond moest klinken...

 

Traditioneel vroeg Jan bij aanvang mij om een pen. "Alleen als ik hem terugkrijg." Mijn vaste roep in de woestijn. Helaas kwam de pen die ik uit mijn jaszak toverde in onlijmbare delen te voorschijn. Jan moest ergens anders gaan lenen.

 

Dries had een speech voorbereidt, maar kreeg door de rommelige start met vier teams in één zaal de kans niet deze te houden. Het grapje, zo begreep ik achteraf, dat er in zat, was dat Denk en Zet Dries deed denken aan een boek dat hij aan het lezen was: Move First, Think Later....maar dan andersom dus. Dries' onvoorbereide opening kwam even later wel op het bord.

 

In mijn ooghoek kwam Jan Timman door mijn blikveld gestommeld. Het icoon zou op deze middag de achterachterkleinzoon van Arnold Van Foreest (een sterke Nederlandse schaker in de negentiende eeuw) op een instructief partijtje schaak trakteren (bron : het zeer lezenswaardige verslag van Erik Jan Hummel op de site van Sissa). Deze Van Foreest is dus de betovergrootvader van Jorden, maar, hoewel een kwestie van genen - dus tijd, nog niet alle magie is overerfd door Jorden. Arnolds broer Dirk was overigens zelfs drie keer kampioen van Nederland. Timman, die toevallig op dezelfde dag jarig is als mijn dochtertje Mijke, was dat drie keer zo vaak. (En Mijke krijgt binnenkort van Hiddo haar eerste schaaklessen op school. Hiddo is misschien niet direct een icoon, maar zeker wel een begrip in de schaakwereld, en zo is de cirkel rond.)

 

Twaalf remiserenden


Onze wedstrijd werd er een van vele vredespijpen: twee sixpacks werden helemaal opgerookt. Een kort overzicht, voor zover ik het overzicht heb:


Bord 1: Roelof naast mij: een klein voordeeltje verzandde in een iets minder eindspel dat Roelof bekwaam keepte.

Bord 4: Alidston: haalde de pizzeria niet, dus kon ik hem niet naar zijn partij vragen. Zijn tegenstander sprak van een vrij bloedeloze remise.

Bord 5: Maurits: zie slotstelling hieronder. Het evenwicht werd nooit verbroken.

Bord 6: Dries: nam remise toen de zetten toch al herhaald dreigden te worden. Dries stond stijf van de adrenaline doordat zijn neef na een intensieve trainingsweek net te horen had gekregen dat hij een maand op proef mag spelen bij FC Groningen. Ook FC Groningen speelde een dag later gelijk.

Bord 7: Peter moet er niet doorgekomen zijn.

Bord 8: Janski: Een vlotte puntendeling.


Visscher-Logtmeijer

Slotstelling Visscher-Logtmeijer: pars pro tote

 

Plantenbak


Resten nog de twee partijen van de twee personen die ook in Veendam geen enkele keer remiseerden, Jan en Putski. Jans notatieformulier werd afgelopen maandag door de na-weekend-schoonmaakploeg van het Jannes-van-der-Wal-denksportcentrum in een plantenbak aangetroffen. Dat klinkt als een grapje...en dat is het ook. De na-weekend-schoonmaak van het Jannes-van-der-Wal-denksportcentrum is immers al jaren geleden door de gemeente wegbezuinigd. Dus dat biljet ligt daar nog gewoon. Het resultaat van Jans partij laat zich daarmee makkelijk raden. In de pizzeria, waar Jan eerst een pizza Dame b5 bestelde, gevolgd door een Pizza Loper Keer c6, liet Jan de partij zien: te lang nadenken over op zich wel de goede zetten leidde tot een gelijk funeste positionele blunder toen de tijd begon te dringen. Uiteindelijk bestelde Jan overigens een Pizza Carbonara, met tonijn, tussendoor. Die stond ook niet op de kaart, maar de serveerster was al lang blij dat ze de kok geen schaakzetten hoefde door te geven en beende in ijl tempo weg - voordat Jan zich weer zou bedenken.

 

Tot slot bord 2, Putski - Ekkelboom. Mijn tegenstander vertelde tactisch op twee te zijn gezet door afwezigheid van de topborden. Drie momenten:


Van Putten-Ekkelboom

Stand na ....18...Kh8

 

Hier is 19. d7 de zet die zwart de meeste problemen stelt. Toch is objectief 19. Pe2 beter, Roelof gaf bij de pizzeria al aan dat hij niet zeker was van d7 en ik zelf was dat ook niet. Maar de beste zet is niet altijd de sterkste zet, zoals bekend. Als de sterkste zet het de tegenstander makkelijk maakt en de een-na-sterkste zet juist niet, dan is soms de een-na-sterkste zet de beste zet. Ik geef toe: het heeft wel iets van pragmatisch gokken, helemaal als de objectief sterkste zet duidelijk veel beter is dan de een-na-sterkste. Hoe dan ook, ik speelde 19. d7!? en er volgde 19...Lxd7 20. Dxb7 Lxc3?!


Van Putten-Ekkelboom

Stelling na 20...Lxc3

 

Mijn eerste gedachte was nu 21. Txd7 Dg5+ 22. Kh1 Lf6 23. Tg1 Dh5 24. Tdxg7 Dxf3+ en nu zag ik 25. T7g2 wel, maar 25. T1g2 niet. De laatste zet wint op slag, het mat op h7 is niet met normale middelen te voorkomen. Maar 25. T7g2 is niet zo duidelijk, dus speelde ik, positioneel principieel, 21. xc3, wat de goede loper van zwart elimineert. Dit werd gevolgd door 21...Dg5+ 22. Kh1 Lf6 22. Le5.

 

Van

Stand na 22. Le5

 

De enige zet waarmee zwart hier kan doorspelen is 22...Tae8, maar dat is best lastig te zien. Zwart speelde 22...Tac8, wat geforceerd verliest. 23. f4! Dat is de juiste volgorde. Op 23 Tg1? volgt 23...Tf7 en wit heeft niet meer dan een nog zeer technische klus. 23...Dg6 24. Tg1 Tf7 en nu sloeg mijn hand met de dame op c8 om daar door mijn tegenstander te worden vastgepakt ten teken van opgave. Met de toren op e8 zou eerst 25...Ld5+ en dan 26...Tf7 nog voor zwart hebben gewerkt. Zo werden beide winstpartijen evenwichtig verdeeld over beide teams.

 

Jans pen was blijven liggen en werd in mijn jaszak gestoken ter vervanging van de vandaag gesneuvelde en ter compensatie van talloze eerdere uitgeleende, nimmer wedergekeerde. Got him!

 

Spassky's - Denk en Zet, net als vorig jaar, 4-4. Eén winnaar, één verliezer en de rest remise. Nil nove sub sole.

 

Putski



Spassky's 1976 - Denk en Zet 1893 4 - 4

1. Roelof Kroon 2195 - Muharem Mujkanovic 1982 ½ - ½

2. Henk van Putten 2113 - Bert Ekkelboom 1809 1 - 0

3. Jan Postma 1999 - Johan Redeker 2135 0 - 1

4. Alidston Henries 1990 - William Cornelissen 1986 ½ - ½

5. Maurits Logtmeijer 1906 - Jarno Visscher 1893 ½ - ½

6. Dries Koster 1982 - Sietse Gosker 1928 ½ - ½

7. Peter Bodewes 1789 - Martijn Legtenberg 1666 ½ - ½

8. Henk Jansen 1835 - Gerrit Jan Kroes 1744 ½ - ½



 

Oosten Toren - Spassky's, KNSB3A 1e ronde

21 september 2013

 

Kent u die grap van dat paard en die toren? dia1
Ik geloof dat het Teeuwen was die tijdens zijn editie van Zomergasten deze klassieker van het komisch duo Horwitz en Kling aanhaalde. Tussen fragmenten van Tommy Cooper en Andre van Duin in, meen ik mij te herinneren. De wat belegen grap is dat het na 1.Kf6 Nh7+ 2.Kg6 Nf8+ 3.Kh6 Kh8 4.Rf7 Kg8 hartstikke hotjepotje is maar na 4... Pe6? 5. Tf6 is het paard afgesneden en kan het arme dier worden ingesloten en opgehaald. Lachen, gieren, brullen natuurlijk en waar Wilfried de Jong bij Tommy Cooper zijn gezicht nog aardig in de plooi kan houden, lag hij bij de oude vrienden Horwitz en Kling echt onder de tafel van het lachen. Ergens op de achtergrond struikelde ondertussen een man van het licht over een snoer. Algehele hilariteit en nu al een moderne klassieker. Hoe ik hier allemaal bij kom, vraagt u? Tja, ik weet het eigenlijk niet… op de een of andere manier stond ik er vanochtend mee op. Vraag me niet waarom.

 

Maar goed, Oostentoren – Spassky’s. Daar zou ik het eigenlijk over hebben. Een wedstrijd waarmee we vorig jaar ook het seizoen begonnen. Een memorabele wedstrijd, die van vorig jaar. Dries die bij een 3½ - 3½ stand een toreneindspel dusdanig mishandeld dat hij ons zonder matchpunten naar huis stuurt.

 

Maanden lang is het daarna onduidelijk gebleven of wij mailen om te schaken of dat we schaken om te mailen. Een leek met een gezonde helikopterview zou heel goed tot de conclusie kunnen komen dat we een mailclub zijn die, om aan voldoende materiaal te komen om de digitale postbus te vullen, af en toe een uitstapje maken. Want vergist u zich niet! De inhoud van al die mails gaat niet over toreneindspelen of zelfs maar het schaakspel in het algemeen. De mails gaan vooral over parkeren. Een kerel met een beetje gevoel voor drama en filmische visie ziet een gebrilde man uur na uur, met een ouderwetse leren zak met geld, naar een parkeermeter lopen om het ding vervolgens met een geïrriteerde maar soepele polsbeweging vol te stoppen. Aan het eind van de dag is de man gebroken en berooid. Zijn haar zit verward, zijn bril staat scheef op zijn hoofd en de ogen staan dof. In zijn linkeroog is een adertje gesprongen zodat het oog er rood uitziet. Hij sloft zich, met een lege geldzak, door de met rondwaaiende blikjes vervuilde straat, een weg terug naar zijn eigen zinnen. Een kapot gescheurde C1000 tas dwarrelt rond zijn voeten als een teamgenoot hem benadert. “Waarom heb je eigenlijk geen dagkaart gekocht? Langzaam zakt de afgetobde door de knieën en bonkt met zijn hoofd op de stoeprand.


Dat doet me overigens aan een mooi verhaal denken over een paard en een toren. Maar misschien doe ik er goed aan om dit verhaal een andere keer te doen. Het papier is geduldig maar de tijd is beperkt. Later misschien nog eens.

Ik probeer het nog een keer. Oostentoren – Spassky’s dus. Ook dit seizoen is er veel gemaild en ook deze keer ging het weer vooral over parkeren. Schaken wij om ergens te kunnen parkeren of parkeren wij om ergens te kunnen schaken? Een leek met een gezonde helikopterview zou… enz.

dia2

 

 

Voor de gewone huis,- tuin, - en keukenschaker geen al te ingewikkelde stelling maar het is onze eigen Dries, met wit, die dit op het bord had. Zeven Spassken keken somber naar het bord. De een schudde het hoofd de ander mompelde iets in de trant van “jammer van de partij”, een derde stelde dat Dries beter onmiddellijk kon opgeven om verdere psychische schade zoveel mogelijk te voorkomen. Maar Dries won! Helemaal alleen!
Wat zwart hier allemaal doet maakt geen jota uit, het gaat erom dat wit de goede zetten doet. Ik keek naar Dries toen hij de volgende, voor hem volkomen tegennatuurlijke zetten speelde: 51. Kd6 en 52. Ke5 De koning moet achteruit! Ik zag zweet op zijn voorhoofd parelen… ik zag dat hij de koning met twee handen vasthield om de impuls om het stuk naar voren te bewegen te onderdrukken.

Op zulke momenten is schaken weldegelijk een fysieke sport. Alsof hij tegen de magnetische aantrekkingskracht van de 8e rij in moest worstelen zette Dries alles op alles om de koning niet naar de achtste rij maar naar de zesde rij te krijgen. Zijn hoofd werd eerst rood, daarna paars. Het vilten voetje van de koning begon los te raken door de tegengestelde krachten. Ik zag aderen kloppen op plekken in zijn hoofd waarvan ik niet het vermoeden had dat er aderen liepen maar het lukte Dries om eerst de 51e zet te voltooien en daarna, ik zag dat het iets gemakkelijker ging, ook de 52e zet. Daarna geloofde de zwartspeler hem en gaf op. Mooi om zulke grote stappen voorwaarts te zien. Het is keihard werken maar uiteindelijk heb je dan ook wat!


Dries zijn buurman op bord 4 was ontevreden over zijn partij. Nou is Jan over het algemeen niet zo heel erg snel tevreden over zijn partijen. De meeste verdwijnen dan ook geruisloos in de prullenbak. Meestal met nog een gemompeld leugentje dat hij het notatiebiljet wel in de speelzaal zal hebben laten liggen of iets van dien aard. Ik elk geval werd de partij remise maar zelf vond Jan dat hij dat eigenlijk niet had verdiend. Het eindspel met een pion minder zag er inderdaad nogal verdacht uit. Tijdens het eten in een etablissement waar we nog over komen te spreken vonden we allerlei fantastische wendingen maar er moet wel bijgezegd worden dat er op tafel zowel rode wijn als Leffe Trapist is gespot… en, zoals al vermeld… geen notatiebiljet.

 

dia3

 

Dan bord 2. Nog een toreneindspel.

Er zijn er nog twee partijen bezig. Het staat 3½ - 2½ voor de Spassky’s. Aan bord 8 worstelt Rolf met een lastige stelling en een nog lastiger tegenstander en op bord 2 speelt Henk een partij waarin net het laatste lichte stuk is geruild en een interessant toreneindspel ontstaat. De laatste zet is geweest 45. … h5 en ik snel naar de kantine waar ik iedereen vertel dat er twee matchpunten staan aan te komen. Het eindspel kan geen moeilijkheden meer opleveren. Het gaat aanvankelijk soepel met 46. Ka2 h4 47. Tf3+ Kg5 48. Tf7 Te2 49. Txa7 Te6 50. Kb3 h3 51. Kb4 h2 52. Ta1 Kg4 53. c4


dia4

 

Zwart heeft nu eenvoudig 53. … Th6 54. Th1 en het verschil in activiteit van de beide torens is evident. Nu is onmiddellijke ophalen van de witte toren met Kf3 en Kg2 waarschijnlijk onvoldoende voor de winst maar zwart heeft het hele sterke 54. … Th5! Het witte initiatief op de damevleugel is lamgelegd en zwart wint met zijn ogen dicht. Wat in de partij komt is minder goed: 53. … Kg3 Het moet nog steeds wel gewonnen zijn maar Henk blijft een beetje weifelend spelen. Na 54. Kb5 Th6 55. b4 Kg2 56. Ta2+ ontstaat iets wat naderhand onderwerp van discussie was.


 

dia5

 

Henk speelde hier 56. …Kg3? en het is die stelling die in de afterparty steeds opnieuw op de ontleedtafel werd gelegd. Tot twee, drie keer toe zei ik dat ik zeker wist dat er ergens een stelling was geweest waar de koning niet op g3 maar op f3 had kunnen staan. Dit is dus dat moment! Na 56. … Kf3 heeft wit niet anders dan Ta1 of onmiddellijk Txh2 en in beide gevallen is zwart op tijd om de witte pionnen tegen te houden. Dat ene tempo is precies genoeg. 56. … Kf3 57. Ta1 h8D 58. Txh8 Txh8 59. Kxb6 Ke4 en nu zijn er veel varianten die allemaal min of meer op hetzelfde neerkomen. Hier is er een: 60. b5 Kd4 61. c5 Kd5 63. c6 Kd6 64. Kb7 Th7+ 65. Kb6 Tg7 66. Ka6 Kc7 0-1 Zetten die Henk zonder twijfel allemaal had gevonden!
Na de tekstzet verzandde de partij in remise hoewel ook dat niet helemaal zonder slag of stoot ging.

 

Dat doet me trouwens aan een aardige anekdote denken.
Ik zat lang geleden een keer in de oude schaakkroeg de Evenaar en liet de volgende stelling aan iemand zien. Wit: Kf4 Th2 vs Zwart: Kf1 Ph4. Ik was (met Eddie Janssen? Nico Karsdorp?) stellingen aan het uitspelen na 1. … Pg6? 6. Kf4 Pe7 enzovoort. Steeds kwamen we op winst voor de torenpartij uit en naarmate de avond steeds minder jong werd, werden wij steeds enthousiaster over de kracht van de toren en de mankheid van het paard. Het was in die dagen dat, als de avond al helemaal niet meer jong was, Jannes van de Wal kwam binnenstappen. Die was op dat moment meestal nog niet zo heel erg lang uit bed en waar ik de dag net wou afsluiten met een allerlaatste afzakkertje nam hij zijn eerste bakkie koffie van de dag. Jannes bleek, ik wist dat tot dat moment nog niet, een uitgesproken liefhebber van dit soort eindspelen en overstelpte ons met een overdonderende hoeveel ongevraagd en eigenlijk ook ongewenst advies. Alsof, op het hoogtepunt van een groots feest, plotseling de stroom uitvalt… en de drank op is. Zoiets. Jannes zijn koude douche bestond uit de smalende opmerking dat het na 1. … Pg2+ 2. Kg3 Pe1 helemaal remise is. “Knoeiers!” Mijn maat en ik hadden daar met Th1 mat willen geven maar in het zwakke licht van de kroeg hadden we Ke2 domweg niet gezien. Misschien stond er net een flesje bier voor dat veld… dat moet het geweest zijn. In elk geval dropen we af…

 

Omdat er zowel qua chronologie als bordvolgorde toch al geen enkele logica in dit verhaal zit, staat niets mij in de weg om maar eens naar bord zes te schieten. Het bord waarop Amsterdam besloot hun zwaarste jongen neer te zetten. Heb ik weer… Ik was me hier tijdens de partij natuurlijk niet van bewust maar ervoer wel de nare ervaring dat mijn tegenstander resoluut weigerde slappe zetten te doen. De partij had al vrij vroeg na de opening een hoop onderhuidse spanning. Op zet 13 zat er zowel een paardoffer op b5 in alsook een loperoffer op e6. Na mijn korte rokade besloot de witspeler beide offers niet te spelen maar bouwde nog meer druk op met Lg5. Ik speelde goed, ik was niet ontevreden en het middenspel mondde op zet 26 uit in de hieronder gegeven stelling.


dia6

 

In een vlaag van totale dwaasheid speel ik hier niet 26. … f5 wat ik in de vooruitberekening had willen doen maar speel vrijwel a tempo 26. … fxg5?? Ik denk dat dit de beroerdste zet van de dag is geweest. Wit speelt Dxg5 en Df6, daarna een torenlift en de stukken kunnen en gingen in de doos. Maar het is altijd baas boven baas, da’s bekend. Mijn zet was de beroerdste zet van de Spassky’s maar niet de beroerdste van de dag. De tegenstander van Maurits nam geen genoegen met de tweede plaats op de kneuzenladder en deed het nog krachtiger.

 


dia7

 

Wit heeft een stuk voor twee pionnen maar zwart heeft voldoende compensatie. Vooral de zwarte velden rond de witte koning zien er niet fris uit. Zwart had hier de sterke zet 19. … h5 moeten vinden waarna de partij nog alle kanten op kan. In plaats daarvan speelde hij 19. … Dxa1?? waarna Maurits met 20. e7+ het punt onmiddellijk kon incasseren.

 

 

 

 

 

 

 

Zoals hierboven al opgemerkt was Rolf aan het worstelen. Worstelen met een licht ruimtegebrek vooral. In zijn partij werd pas op zet 48 de eerste pion geslagen. Zeldzaam. Maar ondanks het volkomen dichtgeschoven centrum en de dichtgesmeerde koningsvleugel stond hij dus moeilijk. Na lang, heel lang manoeuvreren kwam eindelijk de witte doorbraak b4. Het was daarna direct onverdedigbaar. Een zet later gingen de dames van het bord en nog twee zetten later verloor Rolf een pion. Het verlies had zich op dat moment in zijn hoofd vastgezet en toen de enige kans in de hele partij zomaar op een presenteerblad voor hem werd neergezet, liet hij het moment onbewogen aan zich voorbij gaan. Hieronder de stelling die alles had kunnen veranderen.


dia8

 

Wit speelde hier 63. Pxc5??  Dat is een vol stuk en een volle partij maar Rolf deed in rap tempo 63. … Pxc5 en verloor niet veel later.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 


Van de partijen van Roelof en Nico heb ik het minst gezien. Nico, onze sympathieke nieuwkomer uit Amsterdam, is wat stroef in de benen. Hij heeft wat weinig gespeeld de laatste dagen (lees: decennia) en dat zie je. Hij verbruikt veel tijd voor niet erg moeilijke beslissingen en uiteindelijk breekt zoiets je op. Dat was nu ook zo. Ik heb niet gezien hoe de dingen bij hem misgingen maar het gebrek aan tijd zal ongetwijfeld een rol hebben gespeeld.

 

Van Roelof zijn partij heb ik alleen een ingewikkeld fragment gezien waarin een bijna pionnenloos centrum volstond met stukken. Een en ander resulteerde in onderstaand diagram.
dia9 Ook deze partij was er een die zomaar ineens voorbij was. Objectief gezien zou dat met een puntendeling moeten zijn geweest maar het werd een punt voor Roelof.
Zwart heeft net schaak gegeven op b1. Wit kan niet vluchten naar h2 vanwege De1 dus er volgde 25. Kf2 Dc2+ 26.Kg1 en hier nam de zwartspeler geen genoegen met het halve punt maar speelde de onbegrijpelijke zet Dc3?? Dat is mat! 27. Pxg6+ Kg7 28. Pxf8+ (nog sneller is 5.Dd7+ Kxg6 6.Dg4+ Kf6 7.Dg5 mat) Kxf8 29. Dg8+ Ke7 30. Lg5+ Kd7 8. Dd8 mat. Dat is typisch gevalletje van dankbaar in de handjes knijpen!
 
Dat brengt me nogmaals bij bord twee. Dat bord waar dat gewonnen toreneindspel doorbloedde en na veel missers de volgende stelling ontstond.


dia10

 

U kent wellicht die grap van die toren en dat paard? Of had ik het er al eens over gehad? Het verhaal was laatst nog op televisie. Kwam Youp van het Hek er nog eens mee aan? Of iemand als Hans Teeuwen? Ik weet het niet meer, maar goed, belangrijk is dat ook niet. Natuurlijk, de grap heeft een baard, iedereen kent hem… maar hij blijft leuk. 65. Pc8+ Als tegenprestatie voor het naast zijn bord zetten van de zwarte dame door de zwartspeler, had de witspeler met veel flair alvast een paard naast zijn bord gezet. Die zette hij nu in alsof hij een straight flush uitspeelde…  “Maak mij de pis niet lauw, vriend!” 65. … Ke6 66. Pb6 Tb7 67. Pc4?? Tb3 67. Pa5 Ik stond, samen met Roelof, naar het bord te kijken waarop deze stelling stond… beide spelers zaten niet achter het bord. “Wat is dit?” zei ik tegen Roelof. “Henk heeft toch nog gewonnen…, niet te geloven!” Wij naar de kantine… waar we leerden dat de partij remise was gegeven.  
Ik heb Henk, omdat het in zijn hart een goede jongen is, aangeboden voor een redelijk bedrag  deze hele affaire stil te houden en onder de mat te schuiven. Wat niet weet, wat niet deert. Maar niks hoor. Gewoon publiceren. Goed voor het leerproces! Een echte vent, dacht ik bij mezelf.
Ik heb de rechten op deze uitbreiding van een bestaande grap (in Hilversums jargon heet dat een humorextensie) inmiddels verkocht aan SBS 6: meer voor mannen.

Na de wedstrijd moesten we nog een flinke dagmars inzetten om terug te komen bij de auto’s. Da’s op zich een lang verhaal dat ik hier niet zal doen. Even kort door de bocht, komt het in grote lijnen hier op neer. In verband met recente contributieverhogingen, een toch al een teruglopende economie en natuurlijk een algehele aversie tegen onkosten in het algemeen en parkeerkosten in het bijzonder hebben we lang en hard met elkaar gemaild om tot een oplossing te komen voor het probleem rond autostalling.
Mailen wij om te kunnen parkeren of parkeren wij om te kunnen mailen? Een leek met een gezonde helikopterview zou heel goed tot de conclusie kunnen ko… wellicht is het goed dat ik daar een ieder even een mailtje over stuur.
In elk geval zijn parkeerkosten niet langer acceptabel verklaart voor de club en haar leden. Parkeren prima, betalen no frikking way! Gelukkig hebben we Nico. Die is inheems, die kent de mores en sores rond het vinden van een parkeerplekje in Amsterdam en heeft met grenzeloos vernuft ergens een gratis plekje bij elkaar gesjacherd. Dat levert dan natuurlijk bakken met geld op en die hebben we maar eens even lekker verbrand in een hierboven al genoemd etablissement. Luxe voorgerechten, eindeloos vloeiende dranken en een ondervoet van een lam waar ik wat minder enthousiast over was. Maar dat werd dat weer goedgemaakt door het warme contact dat ik met de bedienende dame had die me na de maaltijd ook nog eens wat rookwaar aanbood. De dag kon niet meer stuk. Weliswaar is drinken en eten kostbaarder gebleken dan parkeren maar het kon niemand iets schelen. Principes zijn ook belangrijk.

 

verslag: Peter Bodewes